Recensie: Goudblad – Toen ik wakker was

goudblad cover 2Thee, dat drink ik niet zo veel. Ik ben meer van de koffie. Gekscherend zeg ik wel eens: ‘als ik vroeger ziek was, dan kreeg ik thee. Krijg ik nu thee, dan word ik ziek.’ Vooruit, de theesoorten die ik intussen wel waardeer, zijn de speciale, de ‘smaakjesthee’ zeg maar. U kent dat wel: rooibos, zwarte bes en zelfs zoethoutthee… Pas kwam ik deze tegen: ‘Assam Goudblad Zomerpluk’. Deze thee wordt door de theeverkoper poëtisch omschreven: ‘Zorgvuldig geplukte en gerolde blaadjes uit het second flush seizoen met zeer veel tip en een gouden glans.’
Wat mij betreft, zou je deze woorden ook kunnen toepassen op de liedjes van Goudblad: het zijn zorgvuldig gecomponeerde en ingespeelde songs, die tegelijk ook een bepaalde pit hebben en door de beeldrijke teksten komt er een soort glans overheen die de alledaagsheid overstijgt. Sterker nog: het artwork op en in de cd laat allerlei surrealistische muziekinstrumenten zien, die m.i. ook iets zeggen over de poëtische verbeeldingskracht van de liedjes én het gevoel van vervreemding dat er regelmatig opduikt.

Toen ik wakker was is het nieuwe album, dat bijna een jaar geleden verscheen. Ik kreeg het pas in handen gespeeld en ben behoorlijk enthousiast geraakt. Vandaar deze bespreking (want op Mousique bespreken we alleen waar we warm voor lopen)!

Goudblad omschrijft zelf hun muziek als ‘neerlandicana en nederpop.’ Vooral die eerste term ‘neerlandicana’ vind ik meesterlijk gevonden. Het gaat om Nederlandstalige liedjes die ademen in roots en americana. Maar het ‘nederpop-gehalte’ is trouwens minstens zo groot. Het is een soort mengeling van Anderson/Mensenkinderen (maar dan (bijna) zonder synths en elektronica), at the close of every day , Acda en De Munnik en Brown Feather Sparrow.

goudblad band

Het album begint goed met Als iedereen slaapt. Daar zit een heerlijke elektrische gitaarlijn in van Richard Schuddebeurs en Lukas Kapitein roffelt bijzonder fijn op de drums. Zanger/gitaris Roeland Smith (ook bekend als componist en zanger bij Psalmen voor Nu) heeft een prettige stem. Het is een mooie song over het ontstaansproces van liedjes, die van de straat komen, zingen in je hoofd, kloppen op je deur, bij je naar binnen willen. enz. Ik moest denken aan de gedichten van Toon Tellegen waar je zulke personificaties ook vaak tegenkomt.
Tussen de kaften rockt nog even wat meer. Het is kort en krachtig. De tekst roept van alles op:

ik sla de dagen om als een blad
een bladzij uit een kinderboek
het ruikt naar veertig jaar terug
het ruikt naar thuis
wat ruikt het goed

Tegelijk hoor ik het ook als een ode aan het boek: tussen de kaften ben ik veilig, daar blijf ik bij elkaar.

Ook Onderhuids gaat over liedjes die beklijven. Een liedje waarmee je wakker wil worden, dat uit je dromen komt, dat nooit verveelt en dat nooit went. Het is er nog niet, maar er wordt naar gezocht. Het verlangen komt ook fraai naar voren in de melancholische melodie.
Nog is het niet voorbij met de pracht, want daar is het eerste echte voorbeeld van ‘neerlandicana’ in de vorm van Krantenkoppen. Een slidegitaar (of is het een dobro?) zet direct de toon en de fraaie tweestemmige stem maakt het helemaal af. Dan heb ik het nog niet eens over de tekst die mij als oud-krantenbezorger recht het hart in gaat (en bij zoonlief trouwens ook, want die mag heden ten dage de kranten bij de mensen door de brievenbussen werpen):

in de ochtend in de straten
klinkt het onvermoeibare kraken van een omafiets
een krantenjongen blaast witte wolken adem
de handen koud en zwart van het wereldnieuws

Helaas zakt het album daarna een beetje in. Huis langs de weg is nog wel een aardig bluesnummer, maar het refrein vind ik een beetje al te zeurderig. Dansen is een vrolijk nummer over eigenlijk niet kunnen dansen, maar die schroom van je afgooien (iets dat ik herken, althans wat de eerste zinshelft betreft). Maar het is me te vrolijk en hier mis ik de gouden glans. Het is me vooral te glitterachtig. Daar helpt die op zich aardige analoge synthesizer ook niet tegen.
goudblad extraOok Goeie benen is wel erg vrolijk en springerig. Eerlijk gezegd begint het bij zulke liedjes bij mij overal te jeuken. Anders gezegd: dit is gewoon niet mijn kopje thee. Ik weet het: dat is ook een kwestie van smaak. Ik ben nu eenmaal meer van de mineur dan van de majeur…
De band herpakt zich gedeeltelijk met Voor de nacht. Ook dat is uptempo, maar het kent een mooie bluesy feel, die een stuk kruidiger is dan de smaak van het vorige trio liedjes. De mondharmonica van Schuddebeurs draagt hier zeker een steentje aan bij! De thematiek van het fietsen door de nacht wordt ook mooi geschilderd: aan de ene kant kan dat heerlijk zijn, maar ook juist beangstigend en gevaarlijk. Intussen wordt het steeds duidelijker hoeveel liedjes eigenlijk gaan over nacht en dag, slapen en wakker worden, dromen en wakker liggen. In die zin is de albumtitel zeer treffend gekozen.

Het beste heeft Goudblad echter voor het laatst bewaard (o nee, dat ging over wijn!). Klok van acht vind ik het allermooiste liedje van het album. Het doet me qua sfeer sterk denken aan de liedjescyclus De Geluiden van Weleer van at the close of every day. Het kent een stemmige muzikaliteit en een aangrijpende tekst over de Dodenherdenking in een trein, die een kettingreactie aan gedachten in gang zet. Het zou ook zo voorgedragen kunnen worden op De Dam bij de Nationale Dodenherdenking…
Zachter dan het gras is bijna net zo fraai. Het roept bij mij gedachten op naar het verloren paradijs. Nergens komt de naam van God voor, maar het liedje kent een soort eeuwigheidsglans. De accordeon wordt ook subliem bespeeld.
De afsluiter Nog één keer schitteren vind ik ook echt zo’n ‘Volkorensfeer’ ademen, als u begrijpt wat ik bedoel. Als je het dankwoord in het cd-boekje leest, dan is deze gedachte ook niet zo vreemd: de halve Volkorenstal, Dufrymusic en Mailmen Studio’s (allemaal bekende namen in dit verband) worden genoemd.
Goudblad gaf deze cd in eigen beheer uit, maar ik gun ze bij een volgend album een contract bij dit label. Ze passen er en ze hebben het hiermee verdiend. Toen ik wakker was kent namelijk genoeg glans om de tijd te doorstaan!

(9 november geeft Goudblad een huiskamerconcert in onze pastorie in Nieuw-Vennep. Meer info vind je hier.)

7 gedachtes over “Recensie: Goudblad – Toen ik wakker was

  1. Huis langs de weg en Goeie benen vind ik juist de sterkste nummers en Klok van Acht en Zachter dan het Gras dan weer zwakker. Grappig hoe zo’n simpele plaat zo controversieel, althans, tussen ons twee, kan zijn.

    • ‘Controversiële plaat…’ Ik stel voor dat er zo’n sticker op het album geplakt wordt…😉
      Ach, dat is het leuke van Mousique: we zijn het zelden eens hier😛

  2. Het is overigens niet de debuutplaat, Goudblad uit 2009 is dat wel, maar dit is volgens mij de eerste waarop écht trots geweest is.

    • Dank voor de correctie, Ben. Ik zal het gelijk veranderen. Maar wie is er nu precies trots?

      • Bepaalde bandleden, waaronder in ieder geval de drummer. De vorige klinkt vaak iets dunner. Live klinken deze nummers trouwens nog voller dan op de plaat!

Reacties zijn gesloten.