Recensie: These New Puritans – Field of Reeds

these new puritans coverMet terugwerkende kracht is Hidden van These New Puritans voor mij dé plaat van 2010. Die terugwerkende kracht zit ‘m in het feit dat ik het album pas anderhalf jaar later ontdekte. Maar wat was ik toen ondersteboven van de geweldige sound én schoonheid ervan: de elektronica, de geweldige percussie en de onaardse mooie blazersarrangementen! Bovendien waren de videoclips ook geweldig – iets waar ik nu eenmaal ook gevoelig voor ben.
De bandnaam intrigeerde mij ook bovenmate. Het zal beroepsdeformatie zijn, maar ik moest gelijk denken aan theologen als John Piper en James A. Packer. Zij worden vaak ‘hedendaagse puriteinen’ genoemd. Hun theologie is oer-calvinistisch en hun ethiek is strikt. Die strengheid meende ik wel terug te horen in de muziek van TNP. Totdat ik deze week pas ontdekte dat ‘de nieuwe puriteinen’ een benaming is die veel meer sociologisch bedoeld is: het betreft een tegencultuur van met name jonge mensen. Tegen het consumentisme in kiezen zij voor soberheid en gezond voedsel. Het maakt ook dat ze wars zijn van zaken als snoep op school, grote auto’s en vliegreizen (om maar eens wat te noemen). Met het oog op Field of Reeds, het nieuwe album van TNP, valt hier muzikaal wel een verbinding te maken: het album kenmerkt zich – zeker vergeleken met de voorgaande albums – door een bepaalde soberheid en plaats voor de stilte. Weggelaten zijn nu bijvoorbeeld de enorme Japanse drums, de synths en zelfs de elektrische gitaren. Tegelijk zou ik juist ook alle nadruk willen leggen op het woord ‘new’ in de bandnaam, want voor de tweede keer op rij (en meerdere keren had de band niet) vernieuwt TNP haar totaalgeluid op een drastische wijze. En ik vind het mooi. Ik vind het héél mooi! Letterlijk vanaf de eerste klanken.

In het openingsnummer This Guy’s In Love With You komen die eerste klanken uit een piano en ze klinken sterk naar Eric Satie of Arvo Pärt. Dan begint een vrouwenstem te zingen. De opname klinkt wat wazig. Het blijkt een field recording te zijn, die voorman Jack Barnett maakte van een zangeres die een liedje wat voor de vuist weg zong. TNP formeerde hier vervolgens een nieuw nummer om en noemde dat The Way I Do. Wat de band aanvankelijk niet wist, is dat het gezongen liedje van Burt Bacharach en Hal David was. Deze eisten dat de oorspronkelijke titel van dit liedje moest gebruikt worden en niet de titel die TNP gekozen had. TNP zijn blijkbaar net zo nederig als ‘oude puriteinen’ en voldeden aan die eis. Tegelijk hebben TNP het wel helemaal naar hun hand gezet, getuige de fraaie blazersarrangementen en dito pianospel.

these new puritans bandfotoOok Fragment Two begint met de piano, maar dan meer staccato bespeeld. Steeds meer instrumenten vallen in, juist met veel subtiliteit bespeeld: drums, percussie, klokkenspel, diverse koperblazers. Intussen zingt Jack Barnett met zijn typerende onderkoelde stem een uiterst mysterieuze tekst als:

In between the reed nodes, where the stars are hiding;
In crushed glass by the train-line
There is something there.

In amongst the gaps falls every word and silence.
In the way that an animal wakes
There is something there.

Mochten ‘ietsisten’ nog een Liedboek gaan samenstellen, dan past dit lied er prima in…

The Light In Your Name is een nummer dat zich niet direct prijsgeeft. Aanvankelijk vond ik het een voorbeeld van moeilijkdoenerij die nergens naar toegaat. Totdat ik ontdekte hoe spannend het nummer eigenlijk is. Het kent niet echt coupletten en refreinen. Muziek en zangmelodie lijken de ene keer los van elkaar te staan en dan juist weer volstrekt identiek. De tekst kent een zeer beeldrijk gehalte en halverwege komt er een stortvloed aan percussie van tweelingbroer George Barnett, die als een onweersbui losbarst en tegelijk toch gecontroleerd blijft. Juist dit soort ambivalenties maken dit nummer zo intrigerend. Keer op keer ontdek je ook nieuwe details.
Het middelste nummer van het album, V (Island Song), is met recht een kernstuk. Hier vind je alles wat TNP zo’n geweldige band maakt: de dragende piano, creatief drumwerk, een overstuurd en later weer juist uiterst teder orgel en een terugkerend motiefje dat uitgewerkt wordt tot een groots klankenpalet. Al met al duurt het maar liefst bijna tien minuten, maar het is geen seconde voorspelbaar.
Spiral geeft zich ook niet zomaar gewonnen, maar diepgravend luisteren maakt duidelijk hoe inventief Barnett intussen arrangeren kan. Het kinderkoortje roept reminiscenties aan Pink Floyd en Talk Talk op. Maar hier mag ook nog een volwassenkoor meedoen, wat het nog boeiender maakt.
Dat TNP niet vies is van het orgel, blijkt wel uit de titel van het volgende nummer: Organ Eternel. Het orgelmotief is niet uiterst ingewikkeld, maar wel zeer krachtig. Bovendien geeft de vibrafoon er de nodige swing aan en de gekke piepen juist de verrassende gekte. Barnett zingt hier bijna onverstaanbaar. Iemand noemde dat ‘een beetje mompelen’. ‘Mooi mompelen is ook een kunst’, was mijn antwoord… Bovendien is het outro met blazersensemble, strijkers en klokkenspel onaards mooi.

these new puritans spelenEen brommend geluid legt de basis neer voor een met heel gevoel gespeelde trompetsolo. Zo begint het prachtige Nothing Else. Vervolgens wordt er een soort slow jazz-tapijt neergelegd, waarbij de contrabas van Thomas Hein een fundamentele rol speelt. Daaroverheen begint dan een mooie vrouwenstem te zingen. Deze behoort aan Elisa Rodrigues, een Portugese jazz-zangeres, die ook de fado in haar stem herbergt. Haar gloedvolle stem vormt een mooi contrast met de killere stem van Barnett. Klarinet en trompet keren terug en krijgen de tijd om op de voorgrond te treden. Het sfeertje deed me ook erg denken aan Spirit of Eden van Talk Talk. Niet alleen in dit liedje trouwens…
Ook in Dream horen we mevr. Rodrigues. Hier neigt haar stem wat naar een rustige Björk. Muzikaal gebeurt er intussen van alles. Je zou dat kunnen samenvatten onder de noemer: avant-garde. De akkoorden zijn onvoorspelbaar en van een behoorlijke dissonantie. Typisch weer zo’n nummer dat zich niet gelijk gewonnen geeft.
Het slotnummer is tegelijk het titelnummer. Dat zet fors in met een mannenkoor. Daaroverheen zingt Barnett zijn ‘fadi da fadi da’s’ (in het tekstboekje zie je daarbij merkwaardige letters staan. Het blijkt in het fonetisch alfabet geschreven te zijn.) Barnetts stem verlaat intussen zijn natuurlijk koelcel en er komt vuur in. Hij laat zich zelfs even als een Thom Yorke gaan. Hij durft wel… De mannen zingen intussen onverstoorbaar diep door. En daaroverheen buitelen de vibrafoons en klokkenspellen. Tot het zich allemaal samenvoegt in een gedragen soort Mahleriaanse symfonie.

Ach beste lezer, zelden had ik zoveel moeite om woorden te vinden voor een album. Ik vond mijn weg in dit immense rietveld niet zomaar. Field of Reeds overstijgt ook wat popmuziek is. Het is een amalgaam van pop, rock, jazz, klassiek, avant-garde, maar tegelijk zo volstrekt uniek dat het met weinig te vergelijken is. Ik blijf dit album daarom draaien en draaien. En aan het eind zullen we zien wie er wint: de sterke liedjes van een New Yorkse band of de avontuurlijke groeibriljanten van een stel Nieuwe Puriteinen.

10 gedachtes over “Recensie: These New Puritans – Field of Reeds

  1. amen broeder, ik had het niet beter kunnen doen!
    ik moet ook steeds denken aan het late werk van Talk Talk, al is dit toch ook weer anders. wellicht dat ik er daarom zo lyrisch over ben…

    iets mooiers heb ik dit jaar nog niet gehoord, zelfs niet The National, zelfs niet Witches, om er maar eens twee te noemen.

    • Het is heel erg mooi, maar ik twijfel nog wel, want het is ook zo’n album waar je echt voor moet gaat zitten… Ik houd ook erg van pakkende liedjes. Dus ik houd het spannend😉

  2. Het ligt eraan over welke New Yorkse band je het hebt in die laatste zin, maar ik denk dat de keuze voor mij niet moeilijk zou zijn.😉 Goede bespreking, Kees. Ik vind dit een heel erg bijzondere, mooie, originele en spannende plaat. Ik word er alleen nog niet heel erg diep door geraakt en ik kan ‘m gewoon op veel momenten niet draaien. Het klopt inderdaad wat je zegt: je moet er echt voor gaan zitten. Als ik het niet goed time, word ik gewoon nerveus van deze muziek, terwijl het op andere momenten gewoon erg indrukwekkend is.
    Bij mij zou Witxes dan weleens heel erg hoog kunnen gaan eindigen in mijn jaarlijst. Maar ach, waar hebben we het over? Het jaar is nog maar net over de helft.

    • Ach, ik houd het nog open hoor. Er zou zomaar nog een meesterwerk uit kunnen komen de komende 6 maanden…
      En wat is er trouwens mis met muziek waar je nerveus van wordt?😉

      • Goeie vraag, Kees. Ik vind het namelijk het nerveuze geluid van These New Puritans namelijk best bijzonder. Maar feit is wel dat ik er gewoon minder vaak naar kan luisteren.

  3. Mooi verhaal Kees en intrigerende muziek, de twee nummers die je bij deze review geplaatst hebt vind ik (en ik vind dat nogal snel) niet te pretentieus en er zit genoeg schoonheid in om deze plaat nader te ontdekken.

    • Haha, ik snap je punt… Het is ook een typische – om maar eens een cliché te gebruiken – groeiplaat.

  4. Pingback: halfjaarlijstje | mousique.nl

  5. Pingback: jaarlijst 2013 | mousique.nl

Reacties zijn gesloten.