Dubbelrecensie: Mark Kozelek & Jimmy Lavalle – Perils from the Sea

Mathijs en ik luisterden allebei naar Perils from the Sea van Mark Kozelek en Jimmy Lavalle. Onze redenen verschilden. Des te interessanter om onze bevindingen te lezen:

Daan

So forget the viola    Perils From the Sea
So forget the cello
So forget the violin
He’s up, he’s up, he’s up in his room
Gone solo

Mark Kozelek zou het in de bovenstaande woorden zo over zichzelf kunnen hebben. Samen met Jimmy Lavalle (The Album Leaf) bracht hij onlangs de plaat Perils from the Sea uit. Samen zouden ze ook gaan touren. Helaas: Mark Kozelek blies deze tour af. Dit nadat wel een aantal nummers van deze plaat zelf al ten gehore had gebracht. Solo. Het is ook nog eens vanwege Mark Kozelek dat ik naar deze samenwerking ben gaan luisteren. Jimmy Lavalle is dus beetje het lulletje rozenwater, zowel van de samenwerking zelf als van mijn recensie. Maar wees gerust: ik zal (zeker na het beluisteren van deze plaat)  The Album Leaf ook gaan beluisteren.

Mark Kozelek dus. Ooit frontman van Red House Painters, nu actief onder Sun Kil Moon en zijn eigen naam. Op het moment is hij zeer productief. Behalve dit album bracht hij dit jaar ook een coveralbum uit: Like Rats. Onder de naam Sun Kil Moon kwam hij vorig jaar met Among the Leaves. Hoe makkelijk hij ook met nieuwe muziek komt, waarschijnlijk  is hij –  zoals uit bovenstaand verhaal over de samenwerking met Jimmy Lavalle op te maken is – geen makkelijke persoonlijkheid. Dat kun je ook aan zijn liedjes horen. En dat is waarschijnlijk ook meteen de reden waarom ik er zo van geniet. :) Sinds de dood van Jason Molina ben ik Mark Kozelek nog meer gaan koesteren. De muziek van beide heren weten een soortgelijk melancholisch gevoel bij mij op te wekken. Bij Kozelek klinkt er alleen net wat meer hoop door. Dat hij dus nog maar lang onder ons zal blijven.

De geciteerde songtekst hierboven uit het eerste lied van de plaat – What Happened to my Brother –  gaat niet over Kozelek zelf, maar vertelt het treurige verhaal over een broer  (van Kozelek zelf). Op de rest van de plaat doet Kozelek hetzelfde: (treurige) verhalen vertellen. Mede door zijn karakteristieke, klagende en mooie blijft zijn geluid herkenbaar aanwezig. De instrumentatie is wat ongebruikelijker. Die wordt deze keer namelijk verzorgd door Jimmy Lavalle: kale electronica  die soms naar ambient neigt. De combinatie is prachtig. De nummers duren lang (vaak rond de zeven minuten), de zang is repetitief, de instrumentatie subtiel. Dit album onaandachtig en snel beluisteren is dan ook niet aan te raden. Het gaat dan snel ergens pruttelen op de achtergrond. Als je het album echter goed binnen laat komen, hoor je de  details en laat het je naderhand ook meteen niet meer los. Misschien heeft dit ook wel te maken met het prachtige slotnummer. Nadat Kozelek een uur zijn veelal treurige liedjes heeft gezongen, eindigt de plaat in het aangrijpende tien minuten durende Somehow the Wonder of Life Prevails met de volgende conclusie:

And in the midst of all the agonies and hardness I felt, somehow the wonder of life always prevails
And in the midst of all the awkwardness, all my growing pains, somehow the wonder of life always remains

Perils from the Sea is een indrukwekkende release en zou weleens hoog in mijn jaarlijstje kunnen gaan eindigen. Deze lentedagen zal ik ‘m regelmatig draaien voor dat nodige randje herfst. Ik ben ook al erg benieuwd naar de release van Mark Kozelek met de band Desertshore later dit jaar.

Mathijs

Mark Kozelek was voor mij juist  een blinde vlek. Ik kende de naam van zijn project Sun Kil Moon alleen van horen zeggen op Mousique. Jimmy Lavalle kende ik dan weer wel goed van The Album Leaf en dat is voor mij voldoende om zeer benieuwd te zijn naar dit album. Fijn is dat dan in een dubbel recensie, want nu kunnen we beide kanten van dit album belichten. Daan vanuit Kozelek en de tekstuele kant van de plaat, ik via Lavalle  en de muziek.

The Album Leaf is voornamelijk instrumentale muziek, en als er al in gezongen wordtm vind ik het meestal niet eens echt nodig. Daarbij komt dat dit album toch een stuk minimaler klinkt als de tegen ambient aan schurkende composities van The Album Leaf. Dus dit album was wel even wennen, maar het is zeker die tijd om er aan te wennen waard. Prachtige songs die bij de keel grijpen zelfs als je niet echt iets met teksten hebt.

Bij beluistering van het album komen bij mij verschillenden invloeden naar boven, of beter referentiepunten uit mijn muzikale geheugen. Ik hoor de combinatie van subtiele electronica en mistroostige liedjes van Portrait of David. Maar ook kan ik bij bepaalde passages de link die ik leg met At The Close of Every Day niet uit  mijn hoofd zetten. Ook zie ik door de elektronisch getinte tracks een duidelijke link naar verschillende artiesten van het Morr label. Moet wel zeggen dat dit album qua sound wat meer kabbelt dan de gemiddelde Album Leaf  plaat  waar vaak ook wel een mooie dynamiek in het geluid zit die het ook spannend houdt  en die hier wat mist. Maar ja, daar mis je natuurlijk de bezwerende stem van Kozelek.

Of de plaat bij mij ook hoog in de jaarlijst belandt, weet ik nog niet. Ik vermoed dat dit een groeiplaatje gaat zijn. Dus dat is nog even afwachten tot eind 2013.

33 gedachtes over “Dubbelrecensie: Mark Kozelek & Jimmy Lavalle – Perils from the Sea

  1. Leuk deze duo!

    Grappig ook dat ik deze cd heb met als opdruk Sun Kil Moon & The Album Leaf🙂

    Enne, als je jouw blinde vlek echt eens weg wilt poetsen Theiz dan zou ik met de Red House Painters beginnen…album Red House Painters uit 1993 om precies te zijn, met parels als deze:

    • Inderdaad grappig. Ook typisch dat de versie die jij hebt op Wowhd goedkoper is dan de andere versie. Slaat nergens op.
      En inderdaad Mathijs: begin eens met Red House Painters. Erg bijzonder, ongekend mooie sobere sfeer.

  2. mooi inderdaad, deze dubbelrecensie. ik heb reikhalzend uitgekeken naar deze release, en het is een mooie plaat, hij pakt me echter nog niet meteen bij de lurven. kan nog komen, het jaar is nog niet om, en ik heb de laatste tijd teveel soul en funk geluisterd misschien….🙂

  3. Het blijft een mooi concept: die dubbelrecensies. Goed gedaan, mannen!
    Ik zit dit keer toch iets meer bij Theiz’s en Peters analyse. Ik vind het best een fijn plaatje, maar het beklijft niet bij mij. Het is me te kabbelend – de liedjes duren vaak gewoon te lang en zijn niet altijd even sterk. Ik had hier eerlijk gezegd meer van verwacht. En misschien moet dhr. Kozelek nu eens wat meer tijd gaan nemen voor een album?

    Red House Painters is erg goed. ‘Songs for a blue guitar’ is ook een fenomenaal album van hen.
    Dat geldt ook voor ‘Ghosts of the Great Highway’ en ‘April’ van Sun Kil Moon. En – ik heb het hier al vaker genoemd – het album ‘Tiny Cities’ met allemaal covers van Modest Mouse is ook fraai.

    • Theiz gaf anders ook aan dat de songs hem bij de keel grepen, Kees!🙂 Maar ook dat kabbelende inderdaad.
      Dat kabbelende werkt bij juist op een positieve manier hypnotiserend. En uiteraard heb ik deze plaat wel een aantal keer moeten beluisteren, hè.😉

      • Mark Kozelek doet niet anders dan kabbelen, dat maakt zijn muziek juist zo lekker landerig. En Jimmy Lavalle bouwt er de perfecte, sobere constructies omheen….Nummers als 1936 en What Happened To My Brother zijn daar fraaie voorbeelden van….Luister anders eens naar die van Sun Kil Moon & The Album Leaf😛
        En geen laffe luisterpaal, maar gewoon op cd, desnoods vinyl…

      • Nou, Mark Kozelek kan ook rocken hoor, diverse malen met Sun Kil Moon.
        Het gaat me niet zozeer om het kabbelende, als wel om het soms wat al te gemakzuchtige dat hij de laatste jaren heeft. Volgens mij moet hij gewoon langer aan z’n liedjes werken of meer wegmikken. Er staan op deze split prachtige liedjes, maar ook een aantal mindere… Vind ik dan hee…

    • Ja inderdaad…ik vind nergens de gemakzucht van af stralen. Zeker dit album niet. Zijn soloplaten met covers wel, maar die zijn dan weer zo smakelijk anders dat het niet stoort. Maar echt vanaf Red House Painters is de landerigheid toch echt wel een vast gegeven. Het is wel muziek waar je helemaal voor in de stemming moet zijn. Sun Kil Moon heeft toch ook nauwelijks echte rocksongs?

      • ik sluit me hier bij aan. `kabbelen’ vind ik in dit geval een ongepast woord eigenlijk. het is een knap en gebalanceerd album waarmee de heren precies de juiste sfeer weten neer te zetten. de enige opmerking die ik maakte was dat het me nog niet heel erg raakt, maar dat is iets heel anders, en komt wellicht nog bij meer luisterbeurten.

  4. Oké mannen, het is best. Ik zal in dit opzicht mijn mening in een bepaalde eenzaamheid dragen; dat gebeurt wel meer…😉
    Maar goed, dit vind ik toch wel een beetje rocken hoor:

    en dit ook:

    Oké, het tempo is wat lager – meer sludge dan speed zullen we maar zeggen🙂 – maar toch…

    • Vind ik ook niet zo rocken….daarbij verzorgt er geen elektronicaman de muzikale omlijsting. Kabbelen vind ik niet per se een negatieve term….ik zie er een hangmat op een Texaans erf, uitkijkend over uitgestrekt landschap…beekjes met wuiven riet…ofwel momenten van bezinning.

      • de hangmat ga ik in mee maar in Texas blijf ik toch liever binnen waar de airco voor afkoeling zorgt🙂

  5. Haha, die prettige stem ben ik helemaal met je eens.
    En over prettig kabbelen gesproken – in het kader van wat ‘voorstudie’ beluister ik nu ‘Onherroeplik’ van Gert Vlok Nel… Mijn hangmat hangt op het erf van een Zuid-Afrikaanse boerderij, uitkijkend op een trein in de verte en de eindeloze savanne…

  6. wat is dit toch een prachtplaat, ik ga het steeds meer waarderen, als een paar schoenen die even ingelopen moeten worden maar waar je vervolgens nooit meer vanaf wilt…

  7. Pingback: halfjaarlijstje | mousique.nl

  8. Pingback: la liste week 36 | mousique.nl

  9. Pingback: jaarlijst 2013 | mousique.nl

Reacties zijn gesloten.