Recensie: Cold War Kids – Dear Miss Lonelyhearts

cold war kids hoesWie kent de legendarische platenserie Alle 13 goed! nog? Onder deze titel bracht het label Phonogram in de jaren ’70 en ’80 elpees uit met (meest) Nederlandse artiesten. Er stonden dus 13 nummers op, die volgens het label – ik herhaal: die volgens het label – allemaal de moeite meer dan waard waren. Als je nu op een rommelmarkt de dozen met vinyl doorneemt, kom je er ongetwijfeld nog velen uit deze serie tegen. De hoezen laten een fraaie (meestal) blonde dame zien, die naarmate de jaren vorderden, steeds minder om het lijf had.
Maar goed, ik dwaal af… ‘Alle 10 goed!’ zou een prima alternatieve titel zijn voor Dear Miss Lonelyhearts, het nieuwe album van Cold War Kids, want dit album bevat werkelijk geen slecht nummer!

Wat ik merkwaardig vind, is dat het rond DMLH oorverdovend stil blijft op de Nederlandstalige muzieksites. Dat was ten tijde van het debuut Robbers & Cowards (2006) wel anders! Ze werden toen door menig criticus de hemel ingeprezen. De sterk op de klassieke rock leunende muziek van Cold War Kids – alleen die bandnaam was natuurlijk al heel hip! – die tegelijk prettig rammelde en stotterde, met de huilende androgyne stem van zanger Nathan Willett, de zwierige piano, de lyrische gitaar en de haakse bas en drums, dat alles riep veel enthousiaste reacties op. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat er ook veel minder enthousiaste reacties waren: het roemruchte blog Pitchfork bijvoorbeeld zag het helemaal niet zitten met deze band, waarvan drie leden hun wortels in de kerk hebben liggen. In een wat zure recensie werd met name het christelijke karakter van de teksten gefileerd. Hoger dan een 5 haalde de band vervolgens niet meer bij de Hooivork, met als dieptepunt de 3,9 bij het vorige album Mine Is Yours (2011). Nu werd dat album door de meeste popcritici niet al te best gewaardeerd.
Op het debuut en opvolger Loyalty To Loyalty (2008) maakte CWK dus vooral rammelrock, die behoorlijk kaal qua instrumentalisatie is en lo-fi geproduceerd. Op de ep Behave Yourself (2010) werd er voorzichtig gekozen voor een wat voller geluid. Dat werd doorgezet op Mine Is Yours, dat ook een vettere productie kende. Mine Is Yours werd neergesabeld – niet alleen door Pitchfork trouwens – als een overgeproduceerde, gladde en zielloze plaat. Mij viel op hoe het recensentenvolk elkaar nakakelde als de bekende koploze kippen. Zo slecht is Mine Is Yours m.i. namelijk helemaal niet. Er staan een paar parels van liedjes op. Bovendien was deze plaat ook helemaal geen onlogische stap voor een band in ontwikkeling…

cold war kids bandMaar CWK lijkt intussen afgeschreven bij menig (hip) muzieksite en – blog. Hoe moet ik anders die oorverdovende stilte verklaren? Graag verbreek ik hier de stilte, omdat DMLH een topplaat is, de beste van CWK tot nu toe. Dit gezegd hebbend, zeg ik graag iets over de titel. Deze is een rechtstreekse verwijzing naar de novelle Miss Lonelyhearts (1933) van de Joods Amerikaanse schrijver Nathanael West (1903-1940). ‘Miss Lonelyhearts’ is de naam waarmee de hoofdpersoon, een man (!), ingezonden brieven in de krant beantwoordt. Hij gaat echter steeds meer gebukt onder de ellende in en onder die brieven. De vlucht in de alcohol maakt het er ook niet beter op, wat ook geldt voor de cynische adviezen van zijn directe collega. De liedjes van DMLH zijn op dit boek geïnspireerd. Ze hebben ook iets van brieven en antwoorden op die brieven, beter gezegd: ze klinken als reflecties op diepmenselijke gevoelens, angsten, dromen en wensen.

Dit klinkt misschien allemaal behoorlijk zwaar, maar luister dan eens naar het openingsnummer Miracle Mile: wat een energie, hoe uplifting! Het klinkt als koeien die, na een lange winter in de stal, eindelijk de wei in mogen: ze huppelen, ze springen, ze zijn door het dolle heen. Telkens als ik dit liedje hoor, begint alles in en aan me te bewegen – terwijl ik toch best een stijve hark ben (dat is iets anders dan een hooivork). De tekst klinkt ook bijzonder hoopvol en bemoedigend:

Could you come up for air, come up for air, come up?
Get outside, get all over the world
You live to love, what you get in return

It may be permanent, it may be peace of mind

Hierna schakelt de band een paar tandjes terug. We horen een synth en een drumcomputer. In een interview verklaarde voorman Nathan Willett dat de band veel heeft geluisterd naar Depeche Mode en wel specifiek naar het album Songs Of Love And Devotion. Dat is in Lost That Easy terug te horen, evenals op volgend nummer Loner Phase, dat ook weer met een fijne synthesizer en een electronische beat begint. Hier ligt het tempo dan weer een stuk hoger en het doet ook erg denken aan The Killers (ook een behoorlijk onderschatte band in ‘hipster-kringen’). Die toegevoegde electronica klinkt hier niet wezensvreemd, maar past wonderwel en organisch bij het nieuwe totaalgeluid van CWK. Bij dit geluid moet ook niet de nieuwe gitarist Dann Gallucci (ex-Modest Mouse) vergeten worden, die het album mede produceerde.
Een ander hoogtepunt volgt daarna met Fear And Trembling. Dat begint als ‘CWK oude stijl’: wat spaarzame percussie, een eenvoudig gitaarlijntje en een basloopje, met daarover heen de klagende stem van Willett. De tekst is donker:

I want to tell you my thoughts
But my thoughts are scattered like crows
I’ve done whatever you want
I’ve gone from a mountain to a mole

cold war kids liveLangzaam wordt het geheel dikker ingekleurd, met daarbij een hoofdrol voor de saxofoon. Als een regenworm komt deze langzaam uit de bodem van het liedje omhoog, om uit te groeien tot een vervaarlijke slang die zich om je heenslingert en je uiteindelijk alle adem beneemt, waarna er alleen nog maar een schor geluid aan je ontsnapt…
Gelukkig zijn er daarna de troostvolle klanken van Tuxedos, met dat heerlijke gospelachtige koortje.
Bottled Affection kent weer een scheut electronica en het refrein is hier een rechtstreekse pijl in de oorschelp én het hart:

Allright, stay, you got my attention
All my pain is bottled affection
.

Jailbirds is een prachtig liedje over eenzaamheid en andere menselijke misère. De piano, de fijne feedback gitaar en de blazers zijn meeslepend, maar ze staan wel helemaal in dienst van het liedje.
Ook Water & Power kent een prima pianopartij. Willett gebruikt hier langdurig zijn kopstem. Sowieso vind ik hem op DMLH beter zingen dan ooit. Hij durft ook duidelijk alle mogelijkheden van zijn bereik te zoeken en te benutten. De rest van de band vult dit trouwens later mooi aan met een fraai meerstemmig koortje.
Het titelnummer kent wederom zo’n kaal begin met voornamelijk percussie en wat karige gitaarakkoorden en bastonen. Hierdoor komt de heftige tekst (over een depressie) des te harder binnen: Wonder why you don’t like april?/Wonder why you hate the spring?/Wonder why you don’t like april?/Oh why won’t you sing? Over een ‘lenteliedje’ gesproken… Het is er eentje van het allerdonkerste soort!
Het slotnummer sluit hierbij aan: Bitter Poem. Ook hier ligt alle nadruk op die hartverscheurende stem van Willett. Het is een heel fraai liedje, dat moeilijk uit het hoofd te krijgen is.

Het is geen korte recensie geworden. Soms moet de stilte ruim verbroken worden. Deze plaat verdient het. Tenslotte is het ‘alle 10 goed!’

4 gedachtes over “Recensie: Cold War Kids – Dear Miss Lonelyhearts

  1. helemaal gelijk, Kees, goed dat je de stilte zo overtuigend verbreekt. DMLH is inderdaad een sterke plaat en CWK gewoon een heel goede band!
    die vergelijking met `alle 13 goed’ gaat een beetje mank, want ondanks de titel zijn die verzamelaars meestal platen met allemaal niemendalletjes, volgens mij. je vind ze niet voor niets vooral bij de kringloop…

    • Haha, die vergelijking beperkt zich louter en alleen tot de titel😉
      (het is eigenlijk net als bij een gelijkenis: er is één pointe en gelieve niet alles door te trekken…)

  2. Pingback: Recensie: Goldzounds – Come home, home my little bird | mousique.nl

  3. Pingback: jaarlijst 2013 | mousique.nl

Reacties zijn gesloten.