Recensie: Birdt – Place For One Day

Wij hadden vroeger een elpee van Rien Poortvliet thuis. ‘Rien Poortvliet, dat was toch die pijprokende autodidactische (natuur)schilder?’ Inderdaad, maar hij was ook een groot natuurliefhebber. En dat blijkt zeker op die elpee, Vogeltaal getiteld. Hierop laat Poortvliet allerlei vogels horen, die hier in Nederland huizen en hij vertelt daar kwistig bij. Of zoals de tekst op de voorkant van de plaat in fraai Nederlands stelt: ‘Rien Poortvliet vertelt in zijn eigen ronde taal over de geheimen van de vogeltaal. Met tientallen authentieke natuuropnamen van het gekwinkeleer, de zang en de roep waarmee vogels ons van seizoen tot seizoen frapperen.’

Aansluitend bij mijn oude held Rien Poortvliet wil ik u iets vertellen over de zang van een vreemde vogel, Birdt genaamd. Deze Eindhovense band heeft net een nieuw album uit: Place For One Day. 

Allereerst frappeerde mij de bandnaam: Birdt met een ‘t’ erachter. Toen ik aan voorman Bardt van der Dennen vroeg naar de betekenis van die naam en vooral die ‘t’ erachter, wilde hij geen antwoord geven. Hij stond zichzelf ‘een stukje mystificering’ toe. Dat respecteer ik natuurlijk, temeer omdat ik me graag met mythes bezighoudt en ik ook niet vies ben van een flink potje exegese. Daar gaan we…
Het meest voor de hand ligt natuurlijk de bijna letterlijke overeenkomst tussen de voornaam van Van der Dennen en de bandnaam. Beiden hebben ‘dt’ op het eind. Maar ik kwam er ook achter dat in een vroegere lezing de bandnaam Bird luidde… Die ‘t’ is er later dus bijgekomen. Niet zonder reden, dunkt mij. Dat geeft mij de vrijheid om de mythe van de ‘t’ van Birdt te ontrafelen. Als ik naar hun laatste album luister dan hoor ik allerlei T’s, eigenlijk net zoveel als er liedjes op staan:

1) Twee (+ twee)

Birdt bestaat uit twee kernleden: de al genoemde zanger, componist en gitarist Bardt van der Dennen. Het tweede kernlid is Janne Mansens, die de viool bespeelt en regelmatig tweede stem zingt. Meestal treden ze als dit duo op. Soms komt er nog een tweetal bij: Gareth Davis (bas en klarinet) en Sascha Schmitt (accordeon, keyboards en klokkenspel). Place For One Day is als viertal gemaakt, met nog wat gastbijdragen erbij.

2) Tijdloos

De kern van de plaat wordt gevormd door prachtige tijdloze liedjes, die thuishoren in de genres van folk, (alt)country en americana. Veel akoestische instrumenten worden gebruikt en er wordt vaak meerstemmig gezongen.

3) Traag

Het tempo is niet hoog, zacht gezegd. Het openingsnummer Penny Promise zet wat dat betreft direct de toon. Een langgerekte drone is te horen (‘eh, het was toch tijdloos?’ Niet te snel, beste lezer, daarover straks meer). Je zou zweren dat Rutger Zuydervelt (Machinefabriek) achter de knoppen zit, maar al snel komen er uiterst trage akoestische gitaarakkoorden overheen. Het is tekenend voor het tempo van het gros van de liedjes: dat is niet hoog, maar ze sijpelen daardoor wel langzaam je oor en je hart in.

4) Teder

Het album is ook zachtaardig van toon. Dezelfde zachtaardigheid die iemand als Nick Drake ook kenmerkte. Ik zou het zelfs teder willen noemen. Het mooiste voorbeeld van die tederheid is het prijsnummer Old The Rose. De beginregel luidt ook niet voor niets ‘gentle – (it is) my poem to the wind, careful after ever. Never innocent!’ Luisteren is hier gestreeld worden door onaards mooie muziek.

5) Triest

Deze week zag ik Melancholia, de laatste film van Lars von Trier. Een aangrijpende, maar ook hele trieste film. Birdt is niet gevraagd, maar Place For One Day had er zo de soundtrack bij kunnen zijn. Alle liedjes zijn in mineur en melancholisch van aard. Niet in de laatste plaats is het prachtige trieste vioolspel van Janne Mansens hier debet aan. Maar laten we ook de klarinet van Gareth Davis en de accordeon van Sascha Schmitt niet onvermeld laten. Vooral in Great Expectations gaan deze drie, samen met de gitaar van Van der Dennen een soort duel aan, dat uitmondt in een grootse finale, waar de triestheid hartverscheurend wordt.

6) Troostvol

Toch is het niet louter treurigheid dat de klok slaat. Er is ook troost te vinden. Sowieso is de muziek zelf al als balsem die verzacht. Maar liedjessmid Bardt van der Dennen zoekt ook tekstueel naar licht in het donker. Een fraai voorbeeld hiervan is het aangrijpende Death Of Me, waar gezocht wordt naar meer dan de dood:

I don’t mind you waking me sunshine
After the longest sleep
Here is where you will warm us
I am hungry for your heat

There, where you remember
Death and her days
I will see and feel the ground burning
Before you I kneel

Everything constantly changes
at a very familiar pace
hear me at this early hour
my worship, your grace.
I am not alone
But I am without you
To dance with and sing

7) Tegendraads

Birdt is wel meer dan een traditioneel folk- of altcountry-groepje. Ik stipte dat al even aan m.b.t. het openingsnummer. Er wordt ook gebruik gemaakt van electronica en field recordings. Op de ondergrond hoor je regelmatig iets spannends rommelen of knisperen. Er zijn twee liedjes waar het opzichtiger gebeurt. Allereerst in het titelnummer Place For One Day. Het begin doet zelfs aan Swans denken. Je zou het ook Sonic Youth light kunnen noemen. Daarna wordt het wat rustiger, maar de begeleiding houdt iets vervreemdends, dat me ook aan Sparklehorse herinnerde. Het direct volgende liedje Smoke begint vrij conventioneel met meerstemmige zang, rustige pianoakkoorden en een tokkelende gitaar. Maar dan komt er een keyboard en percussie bij, die flink losgaan, terwijl gitaarfeedback de lucht uiteenscheurt. Voeg daarbij de tekst over een prettig gestoord iemand en het geheel laat zich raden (of niet). De vroege Pink Floyd is in ieder geval niet ver weg… Het is hier werkelijk: Eindhoven de gekste! Als uiteindelijk de rook (!) is opgetrokken, is er weer de rust, net als in het begin. Ook dat is tegendraads: het eindigt niet in de gekte, maar in de verstilling. Als je trouwens goed naar het artwork van het album kijkt, kun je dezelfde conclusie trekken.

8) Timesbold

Jan Willem Broek noemde in zijn mooie bespreking als referentiepunt o.a. Timesbold. Ik kan me daar zeker in vinden, omdat hun altcountry ook genoeg tegendraadsheid kent. Bovendien zijn de liedjes van Timesbold (en van Whip, het soloproject van zanger Jason Meritt) ook voornamelijk melancholisch van aard. Tegelijk is Meritt wel wat stekeliger en cynischer in zijn teksten. Andere referenties kunnen zijn de al genoemde Sparklehorse en Nick Drake, alsmede Will Oldham en Wood Pigeon.

9) Trots

Eindhoven mag trots zijn op deze telg aan de muzikale boom. Of men in de ‘lichtstad’ dat beseft, is natuurlijk de grote vraag, maar voor mij is het een weet! Terwijl ik dit schrijf, klinken de tonen van het slotnummer Planet You. In directe rede wordt onze planeet aangesproken en gesmeekt zelfs. Een soort modern boetelied. Op de achtergrond hoor je het onweer rommelen… Opnieuw versmelten viool, klarinet en accordeon tot een prachtig amalgaam. Wie dit onberoerd laat, heeft geen hart!
Kortom: op de valreep ontdek ik zo het misschien wel mooiste Nederlandse plaatje van dit jaar… En wat hoor ik als de muziek weggestorven is? Jawel: vogelgeluiden! Rien Poortvliet zou er wel raad mee weten…

Hier is het album in zijn geheel te beluisteren.

Advertisements

24 gedachtes over “Recensie: Birdt – Place For One Day

  1. ‘Of men in de lichtstad dat beseft’… Het is de vraag natuurlijk. Ik ben, geboren en getogen in Eindhoven, in ieder geval wel erg blij om deze schoonheid te horen. Ik denk niet zo regionalistisch, maar hoor hier in ieder geval weer een bewijs dat er in Nederland genoeg moois op muzikaal gebied te vinden. Heb ‘m slechts één keer gedraaid, maar het zou zo bij één van de betere releases van dit jaar kunnen gaan horen.
    Ook een geweldige bespreking, Kees! De overeenkomst tussen Birdt en Bardt vind ik eigenlijk al opvallend genoeg, maar jou gespeculeer is heerlijk om te lezen en geeft een mooie typering van deze plaat.

    • Kijk Daan, zo kan het ook: gewoon gelijk reageren in plaats van zo’n album 33 keer draaien 😉
      Dank voor je complimenten. Speculatieve exegese: ja, ik lust er wel pap van. Origines was daarom ook zo’n grote – hoe bizar zijn speculaties soms ook waren.
      Sorry, ik dwaal af. Enne… als Eindhovenaar mag je hier best trots op zijn 🙂

      • Ha, soms ben ik ook na één luisterbeurt al erg onder de indruk. Wil niet zeggen dat ik ook in dit geval natuurlijk nog geen snel oordeel kan vellen. Daar vind ik jou dan weer wonderbaarlijk goed in. En dan ook nog zo’n uitgebreide exegese. Ja, de geschiedenis kent bijna meer speculatieve exegese dan geen speculatieve exegese. Je staat in een lange traditie. 😉 Ik zou ook eens aan een exegese moeten beginnen van jouw gebruik van getallen als ’88’ en ’33’.
        En ach kom, ik doe gek als de gekste, ik ben als soort van Eindhovenaar inderdaad trots op Birdt. Waarom ook niet. 😉

      • Ik help je een beetje: 88 is ook een geweldig live-album van The 77’s… En 33 is de waarschijnlijke leeftijd van een zekere ‘J.v.N… geheten’ (naar Achterberg).

      • Nou, die mystificering is ook weer uit de wereld. Je blijft wel dicht bij jezelf in ieder geval. Dat is goed.

  2. Dit is alvast een heel originele recensie die ik met veel plezier heb gelezen. Nu het album nog luisteren, maar dat gaat zeker gebeuren!
    Ik luister op het moment trouwens ARK van Halls, een erg mooi stukje muziek. Daar komt ook nog wel een review van…

    • Dank Peter voor het compliment. Je maakt mij weer nieuwsgierig naar de ARK. Jouw productiviteit is trouwens evenredig hoog als je zuinigheid!

  3. Dank voor de link naar mijn stukkie en erg leuk gevonden dit Kees. Mooie recensie! Bardt is een geweldige zangerT. Ook hun oude werk is bloedmooi. Ze heten voor Bird trouwens weer Bardt, dus die dt is terug van weggeweest. Download ook zeker eens deze compilatie met daarop hun adembenemende nummer “False”: http://www.archive.org/download/LuisterclubLomechanik/LuisterclubLomechanik.zip

    Wat betreft Halls:
    Soloproject van de 21-jarige, uit Londen afkomstige muzikant Samuel Howard. Voor dit debuut heeft hij naar verschillende religies gekeken en raakte daarbij gefascineerd door de vele mysteries waarin ze verhuld zijn,met name de Oost-Europese. Hij wilde daarom voor deze cd een kerkachtige atmosfeer creëren. In de openingstrack zet hij dan ook een orgel tegen de ambient noise rondom de kerk (mensen die al pratend naar binnengaan, terwijl de klokken luiden, gaan zitten en luisteren naar de klassieke pianorecital). De toon is gezet! Dit neemt hij mee in de tweede, waarbij je ook een soort dubstep beats hoort, zijn hoge zang en een stuk van Mozart’s “Ave Verum Corpus”. Dat levert een meer dan betoverend geheel op. Hierna vervolgt hij zijn bijzondere muziekweg vol hakkelende beats met etherische muziek die ergens tussen glitch, (dark) ambient, dubstep, elektronica, IDM en ook pianomuziek uitkomt. Hij werkt zijn stukken vaak eerst uit op de piano of andere toetsen en vult het dan aan met allerhande elektronica. Zijn zang doet denken aan Thom Yorke (Radiohead) en Justin Vernon (Bon Iver). Muzikaal gezien moet je denken aan een mix van The xx, Burial, Tim Hecker, Forrest Swords, Efterklang, Thomas Köner, Spoonfed Hybrid, Andy Stott en Nils Frahm. Het is een mysterieus, duister en tegelijkertijd door de hoge zang en heldere geluiden ook licht en pakkend werk geworden. Bevreemdend prachtalbum.

    • En zal reageren bij Peters recensie, maar kan alvast wel vertellen dat ik dit erg mooi vind. Zoals hij de stilte gebruikt, doet me ook denken aan James Blake…

      • Maar goed, ik verlaat die ark weer en laat de Hallen ook voor wat ze zijn. Back on topic: dat liedje ‘False’ van (toen nog) Bird is zeker erg mooi, JW! Tegelijk vind ik dat ze wel gegroeid zijn in instrumentatie en arrangementen. T(!)oevallig!

  4. Pingback: Le Guess Who 2013 « mousique.nl

  5. Pingback: mousique’s jaarlijst 2012 | mousique.nl

Reacties zijn gesloten.