Recensie: Van Dryver – Stabs Of Joy

They that sow in tears shall reap in joy.
He that goeth forth and weepeth,
bearing precious seed,
shall doubtless come again with rejoicing,
bringing his sheaves with him

Psalms 126:5,6 (King James Version)

Eerder maakte ik hier in een concertverslag al gewag van het nieuwe collectief van Arjen van Wijk: Van Dryver. Daar doen trouwens niet de minsten aan mee. Je zou bijna kunnen spreken van een ‘superband’ met leden als gitarist Gerrit van der Scheer (o.a. Bonne Apart, Genève en Luik), gitarist en zanger Kim Janssen (The Black Atlantic en Kim Janssen), drummer René de Vries (People Get Ready), bassist Joeri Pronk (o.a. ME), saxofonist Lotte Pen en toetsenist David Pronk.
Toen ik Arjen van Wijk vroeg naar de herkomst van de naam Van Dryver, moest hij een beetje lachen. Die naam stamt al uit zijn jonge jaren. Hij was toen de enige van de toenmalige bandleden met een rijbewijs. Buitenlandse muzikanten noemden hem i.p.v. Van Wijk ‘Van Driver’. Aangezien ‘Van Dryver’ iets chiquer staat, werd dat de bandnaam van zijn nieuwe collectief. Niet meer en niet minder.

Hun debuutplaat – een ep is het in feite – is uitgegeven bij Rejoice! Records. Het artwork van de cover straalt iets nostalgisch uit. Ik moest erg denken aan de sfeer van de eind jaren ’70 en de beginjaren ’80: The Eagles, het Island label, westcoast-muziek, enz. Onder de naam Van Dryver staat met kleine lettertjes ‘since 1977’. Volgens mij is dat gewoon het geboortejaar van Arjen van Wijk!
Voordat we ons verliezen in een al te gedetailleerde exegese van het artwork wil ik graag wijzen op de alomtegenwoordige skateboards. Op het schijfje zelf staat er eentje prominent afgebeeld en de bandfoto op de achterzijde laat er ook drie zien. Van Wijk zelf schijnt een verwoed skateboarder te zijn… Het is maar dat u het weet!

Nu laat het album allesbehalve typische skateboardmuziek horen, zoals punk(rock) en nu-metal. Nee, het openingsnummer Life Is A Beach heeft zo’n typisch beginjaren ’80 geluid. Denk aan bands als 10cc en Phil Collins toen hij Genesis net verlaten had. Eerlijkheidshalve is Life Is A Beach niet het allersterkste liedje. De arrangementen vind ik wat al te eenvoudig. Maar warm klinkt het wel. De muzikale thermometer gaat in The Most nog wat omhoog, niet in de laatste plaats door de gloedvolle klanken uit de sax van Lotte Pen. De handclaps en de kopstem aan het eind maken het extra catchy. Catchy klonk Van Wijk zeker ook met zijn vorige band People Get Ready, maar daar was het geluid op het kille af. Hier is de sfeer een stuk behaaglijker.

Zelf ben ik geen skateboarder. Toch heb ik er regelmatig wel naar gekeken. Je moet met zo’n skateboard eerst op gang komen, een paar flinke trappen met de ene voet voordat het echt skateboarding wordt. Zo voelen voor mij de eerste twee liedjes van deze ep ook. Als een aanloop, een aanzet. Vanaf het derde nummer komt het echte avontuur, waait de wind door het haar, wordt het springen en even zweven door de lucht. Dat begint dus met het derde nummer Nothing In Return But Your Love. De tweede stem en backing vocals – is dat Kim Janssen? – vlijen zich zo heerlijk tegen die van Van Wijk aan. De gitaarpartij van Van der Scheer heeft iets spookachtigs én ontroerends.
In You Bring Me To Light neemt Van der Scheer je mee naar de hoogte van Beach House en Explosions In The Sky. Ook Lotte Pen doet op haar sax nog een heerlijke duit in het melodische zakje. Van Wijk legt heel veel gevoel in zijn stem en fraai wordt het nummer opgerekt en uitgesponnen.
Misschien de grootste verrassing is het slotnummer, een cover van Phil Collins, het bekende Groovy Kind Of Love. Dit toch al fraaie liedje van Phil Collins – mooi dat hij ook van Van Dryver zoveel krediet krijgt! – ontvangt een prachtige sfeervolle bewerking, in de lijn van The Black Atlantic en Iam Oak. Elke keer ontdek ik weer nieuwe details. Echt heel fraai gedaan. Ik vond het altijd al heel sterk lijken op een slaapliedje, maar dit wiegt mij echt in een gelukzalige slaap!

Nog iets over de inhoud van de plaat. Op de bandfoto kijken de Van Dryvers in hun zomerse outfit behoorlijk ernstig uit de ogen. Die ambivalentie zit natuurlijk ook in de titel: ‘Stabs (= steken) of Joy.’ Deze terminologie komt rechtstreeks uit het werk van de schrijver en apologeet CS Lewis. In zijn autobiografie Surprised by joy noemt hij de vreugde iets dat je verrast, dat je niet in bezit hebt, dat je kan overvallen en vaak ook gepaard gaat met pijn, met verlangen, met heimwee.
Die twee kanten kom je keer op keer tegen op deze ep. Zoals bijvoorbeeld in het openingsnummer Life Is A Beach:

Yours, I am your broken heart
Yours, I am your sleepless nights

Of het dubbelleven dat in The Most geschilderd wordt: van de buitenkant ziet het er mooi uit en klinkt het als uit het boekje, maar het is leeg. Maar juist die verlegenheid kan weer de motor worden tot een nieuwe verstandhouding.
En in Nothing In Return But Your Love wordt de plaatsvervanging aangrijpend én verrassend bezongen:

I gave you my body
I gave you my shirt
I took all the shame
I took al the hurt
I stood in your shoes
I stood in your dirt

In You Bring Me The Light wordt er bijna letterlijk (vooral als je luistert) The Clash geciteerd, maar dan net even anders: I fought the Lord and the Lord won. Oftewel: leven kan ook knokken met God worden en daarbij het onderspit delven. Terwijl er dan weer de zoete – groovy – liefde is, die verzacht en vreugde schept.

Kortom: het zijn maar vijf liedjes, maar er zit genoeg in!

Advertenties

6 gedachtes over “Recensie: Van Dryver – Stabs Of Joy

  1. Bewonderenswaardige recensie, Kees. Ben zelf ook erg gecharmeerd van Vandryver. Volgens mij is dit gewoon wat Arjen moet doen. 🙂
    Eén puntje van aandacht: is het niet Vandryver aan elkaar ipv Van Dryver?

    • Dank Daan!
      Op Facebook schrijven ze het aan elkaar en elders weer los. Ik vind vanuit de biografische notie van Van Wijk – Van Driver Van Dryver het meest logische. Maar misschien kan de band zelf uitsluitsel geven?

  2. Van Dryver/Vandryver nog niet gehoord. Ter aanvulling: Groovy Kind of Love is geschreven door Toni Wine en Carole Bayer Sager. Dit zou de eerste uitvoering van het liedje zijn (1965):

    • Goede aanvulling, Wim Blokhuis! 🙂
      Ha, die versie hierboven is ook erg fijn, heerlijk naïef!

  3. eindelijk heb ik deze ep ook eens een paar grondige luisterbeurten gegund. mijn mening ontwikkelt zich in een iets andere richting:

    positief: Arjen van Wijk zingt beter dan ooit, hij doet hier echt fantastische dingen met zijn stem.
    negatief: de muziek zit goed in elkaar en is glad geproduceerd, maar er zit werkelijk niets spannends in. alleen Nothing In Return vormt een positieve uitzondering, terwijl dat feitelijk toch een rustig nummer is, maar wel met een mooie dynamiek, waardoor het boven de (sorry jongens) middelmaat van het geheel uitsteekt. Groovy Kind Of Love kan me ook niet bekoren en duurt sowieso veel te lang.

    Kortom: uitgezonderd de zang vind ik deze ep eigenlijk een beetje teleurstellend.

    • @Peter, grappig, ik had precies de omgekeerde ervaring: bij de eerste luistersessie vond ik het niet zo opzienbarend, maar na een aantal verdere luisterbeurten vond ik de plaat steeds mooier worden. Zojuist weer eens gedraaid en ik vind het nog steeds een mooie ep.
      Ach, wat is spannende muziek? En moet alle muziek spannend zijn? Onze huisband TIM (toevallig ook de grote favoriet van Arjen van Wijk vertelde hij bij het concert bij Zoldergasten) maakt ook niet de meest spannende muziek, maar het is wel wonderschoon. Hetzelfde geldt voor mij voor veel liedjes van Crowded House. Maar goed, ik vind er zeker op de tweede helft van het album genoeg creatiefs gebeuren. Ach, ik heb het allemaal hierboven verwoord, dat ga ik niet herhalen. Tekstueel is het trouwens ook een mooie plaat.
      Live is het bij Vandryver trouwens allemaal nog wel iets dynamischer. Je zou dat nog eens kunnen proberen… 🙂
      Wel goed van je dat je het zo’n eerlijke kans gegeven hebt.

Reacties zijn gesloten.