Recensie: Bob Dylan – Tempest

Uitgeverij Silvester bracht in 2009 een prachtig ‘stripalbum’ uit: Bob Dylan RevisitedHierin werden 13 songs van Dylan verbeeld door erkende striptekenaars als o.a. Thiery Murat, Bézian en Jean-Philippe Bramanti. Het is een schitterend boek geworden. Blijkbaar zijn de teksten van His Bobness uitermate geschikt om visueel verbeeld te worden.
Dat geldt zeker ook voor het nieuwe album Tempest. Daar is menig prachtige graphic novel van te maken. Ook cinematografisch valt er van alles uit te halen. De liedjes ontrollen zich als het ware voor je oog en tonen je tedere, gruwelijke, nostalgische en onthutsende beelden.
Neem het liedje Tin Angel. Onder een eenvoudige repetitieve begeleiding ontspint zich een spannend en gruwelijk verhaal, dat zo uit de koker van Cormac McCarthy had kunnen komen. Uiteindelijk liggen aan het eind van het liedje de drie hoofdpersonen dood op de grond: vermoord of door een zelf gekozen dood. Regisseurs, meldt u zich maar in rijen van drie… 

Muzikale vijver

Hoe beeldend ook, uiteindelijk komt een plaat toch het eerste binnen via het gehoor. In eerste instantie moet er muzikaal wat te genieten zijn. Tempest kent een traditioneel muzikaal idioom. Dat is geen kwalificatie, maar louter een constatering. Dylan zelf is een groot liefhebber van oude folk, blues, gospel en country. In zijn befaamde radioshow Theme Time Radio Hour (2006-2009) wist Dylan wekelijks de prachtigste bekende en onbekende parels op te duiken uit de rijke Amerikaanse muziekhistorie.
In datzelfde water zijn ook de 10 liedjes van Tempest gedoopt. Mooi is dat al terug te horen in het openingsnummer Duquesne Whistle. In het begin hoor je twee stokoude elektrisch versterkte gitaren en een akoestische gitaar een riedeltje spelen. Je zou zweren dat je naar een liedje uit de befaamde box Anthology Of American Folk Music van Harry Smith aan het luisteren bent (maar dan zonder ruis). Na veertig seconden valt de band met een voller en eigentijdser geluid in en begint de trein te rollen. Ja, Duquesne Whistle is een heuse treinballade. Het liedje dendert in een heerlijke cadans op vrolijke wijze voort in een ware country-swing. Blijf dan maar eens stil zitten!

Dylan is ook al jaren behoorlijk aan de blues verslingerd geraakt. Je hoort dat terug in Narrow Way en Early Roman Kings, waar Muddy Waters goedkeurend zijn hoofd bij knikt. David Hidalgo (van Los Lobos) versiert het laatst genoemde nummer ook nog eens smakelijk met zijn accordeon.  Verder is Dylan ook weer helemaal terug bij waar hij ooit begon: de folk. Of dat nu gedragen folk uit de Appalachian Mountains is in Scarlet Town of Ierse folk in het titelnummer.
Het mag dan traditioneel zijn; de band speelt het op warmbloedige en vakkundige wijze. Niet voor niets betreft het de band waar Dylan al jaren mee toert in zijn zgn. Never Ending Tour. Speciale vermelding verdient gitarist Charlie Sexton die zowel teder als puntig de snaren beroeren kan (en dat ook doet!).

Stem

Nu over de stem van Bob Dylan. Daar is al veel over gezegd. Ook hier op ons geliefde Mousique. Twee citaten van gerespecteerde recensenten en muziekkenners alhier:  ‘Dylan klinkt tegenwoordig alsof hij schuurpapier in zijn keel heeft’ en Bob Dylan klinkt alsof hij een oud schor dametje probeert te imiteren.’ Zeker, hij zou afgebrand worden door de jury van Idols of The Voice of Holland, maar datzelfde lot zou bijvoorbeeld Louis Armstrong en Tom Waits ook treffen. Daarom neem ik die jury’s ook helemaal niet serieus. Maar wat erger is: geciteerde muziekkenners hebben volgens mij nooit goed geluisterd naar Dylans stem op Tempest.
Neem bijvoorbeeld het ingetogen liefdesliedje Soon After Midnight. Dat begint met de prachtige zin: I’m searching for phrases to sing your praises. Naast de zinnen die Dylan zoekt om zijn geliefde te bezingen, hoor ik in dit verband nog een ander aspect: zijn frasering bij het zingen. Die is zo goed, evenals zijn timing. Bijna teder zingt hij zich door de poëtische tekst heen. In het wraaklied Pay In Blood daarentegen gromt en snauwt hij zijn woede uit, terwijl het al genoemde Scarlet Town weer een omfloerste stem laat horen. Ik ben een liefhebber van Tom Waits, maar Dylans stem voegt zich veel natuurlijker naar het songmateriaal, terwijl Waits veel theatraler is.


Thematiek

Het wordt tijd voor de inhoud van het album. Tenslotte is en blijft Dylan één van de allergrootste levende tekstschrijvers. Op de albumcover is een verstild beeld te zien. Het doet me erg denken aan een grafmonument. Niet voor niets. De dood is op Tempest alomtegenwoordig. Doden vallen er ook bij bosjes.
Zelfs zo’n teder liefdesliedje als Soon After Midnight heeft de gruwelijke regel: ‘I’ll drag his corpse through the mud.’ Pay In Blood, de moderne wraakpsalm, kent als eenregelig refrein: ‘I pay in blood, but not my own. Tin Angel is een heuse murderballad. In het titelnummer verzuipt 1800 man. En Roll On John is een eigentijds requiem voor John Lennon.
Maar ook op Tempest is eros niet ver van thanatos. Dylan mag dan de zeventig intussen gepasseerd zijn, hij weet nog zeer krachtig én viriel de liefde te bezingen:

I’ve got a heavy stacked woman with a smile on her face
And she has crowned my soul with grace
Im still hurting from an arrow that pierced my chest
I’m gonna have to take my head and bury it between your breasts

Liefde gaat echter niet vanzelf. Het gaat ook vaak genoeg mis. In het aangrijpende Long And Wasted Years gaat het over zo’n gebroken relatie. Ik heb de laatste jaren niet meer zo’n hartverscheurend liedje gehoord, waarin spijt en wroeging bijna voelbaar zijn.
Tegelijk gaat het op Tempest niet alleen over de kleine verhalen. Dylan zou Dylan niet zijn als hij ook niet over deze tijd te zeggen zou hebben. Hij heeft zijn maatschappijkritische veren nog niet verloren. Alleen speelt hij op Tempest die bal over de band van de ‘oude verhalen.’ Het smerige bluesnummer Early Roman Kings is daar een voorbeeld van. Dat heeft in feite drie lagen. De oudste laag betreft de Romeinse keizers, zwelgend in hun luxe en machtsbelust. De tussenlaag is een streetgang uit New York uit de jaren ’50 die de levensstijl van die Romeinse machthebbers kopieerden. En Dylans spits betreft de bankiers en andere corrupte geldwolven, die een crisis veroorzaakten, maar zelf de dans ontsprongen. Inderdaad: de geschiedenis herhaalt zich.
Het mooiste voorbeeld van zo’n gebruikt ‘oud verhaal’ is Tempest. Het is tweeërlei opzicht een episch nummer. Het kent een epische lengte: veertien minuten duurt het en het kent 45 coupletten! (zonder een refrein). Het is ook een epos over de ondergang van The Titanic.
Vanuit het perspectief van allerlei opvarenden schetst Dylan dit drama. Hij maakt hierbij gebruik van de tekst van het klassieke liedje dat de onvolprezen Carter Family hier aan wijdde. Hij vlecht er bepaalde scènes uit de film van James Cameron doorheen. Zelfs Leonardo di Caprio duikt op. Op een wiegend walstempo met een flinke Ierse twist zingt Dylan zich door al die coupletten heen. Je voelt het water bij wijze van spreken kabbelen tegen de dubbelwandige boeg. Het soest je bijna in slaap. Maar schijn bedriegt, want intussen voltrekt zich de ramp. Luguber is het beeld van de kapitein:

The captain, barely breathing
Kneeling at the wheel
Above him and beneath him
Fifty thousand tons of steel

He looked over at his compass
And he gazed into its face
Needle pointing downward
He knew he lost the race

Tegelijk staat dat enorme schip ook voor het ongebreidelde vooruitgangsgeloof, niet alleen uit de 19e eeuw, maar dat de Amerikaanse mentaliteit nog immer kenmerkt. Dylan is een onheilsprofeet die de ondergang van zo’n cultuur en mentaliteit bezingt: het zal zinken in de diepe en ijskoude oceaan…

Dylan de Wever

Bob Dylan is niet alleen een groots tekstdichter. Hij is ook een groot wever. Daarmee doel ik op zijn gave om beelden, metaforen en teksten overal vandaan te halen en ze te weven tot iets nieuws. Het stikt in de teksten van de verwijzingen naar andere liedjes, gedichten en boeken. Met een ingewikkeld woord noem je dat intertekstualiteit.
Een prachtig voorbeeld van zo’n intertekstueel weefsel is het slotnummer Roll On John. Dit liedje gaat over John Lennon. Hij werd in 1980 in New York vermoord door een gestoorde fan. Dylan zingt zijn persoonlijke I.M. Volgens Jan Donkers komt dit 32 jaar te laat, maar dit vind ik hardvochtig gezegd. Alsof je zoveel jaren later in je liedje niet iemand tot leven mag proberen te wekken of in ieder geval aan de vergetelheid wilt blijven ontrukken. Het is een prachtig aandenken geworden. En juist hier blijkt de weefkunst van Dylan. Hij weeft liedregels van The Beatles en Lennons solowerk naast en door zijn eigen regels, zodat er een ontroerend liedje ontstaat: zo eenvoudig en puur.

Zwanenzang?

The Tempest is het laatste stuk dat de grote Engelse (toneel)dichter William Shakespeare schreef. Bijdehante recensenten meenden hieruit te moeten concluderen dat Tempest dan ook wel Dylans laatste kunststuk zou zijn. (Vandaar dat hij nog één keer alles uit de kast heeft gehaald: een album van 70 minuten met zoveel sterke liedjes. Alles is hiermee wel gezegd.) Toen Dylan hiernaar gevraagd werd, merkte hij alleen op: ‘Shakespeares stuk heet The Tempest, terwijl mijn album slechts Tempest heet. Dus….’
Laten we ook niet hopen dat dit Dylans laatste album is, want in zo’n vorm én met zo’n woedende storm in zich, kan hij wat mij betreft nog jaren mee!

Advertisements

40 gedachtes over “Recensie: Bob Dylan – Tempest

    • Dank Daniel! Dat clipje vind ik ook geweldig. In eerste instantie denk je: wat heeft dat met die treinballade te maken? Tot je beseft dat hier filmisch de beweging wordt gemaakt die je als luisteraar innerlijk ook maakt: een oud verhaal blijkt aan te sluiten op de huidige tijd. Heerlijk ook dat verhaal dat romantisch begint en ontspoort in een Tarantinoiaanse geweldsorgie, maar waar ’s mensen droom niet stuk te krijgen is…

  1. En Dylan die daar dan weer droogkomisch overheen stapt, met in z’n kielzog een wonderlijke meute volgers.

  2. nou Kees, na zo’n uitstekend en enthousiasmerend verhaal verdien je natuurlijk een wat genuanceerder reactie dan de sneer `schuurpapier’ die ik tot nu toe aan his Bobness’ nieuwste heb gewijd.
    Ten eerste moet gezegd dat ik nooit een Dylan-liefhebber ben geweest. Zijn muziek én stem hebben me nooit kunnen raken, al zie ik natuurlijk wel degelijk de kwaliteiten van de man. en die liggen wat mij betreft voornamelijk in briljant songwriterschap.
    Over dat songwriterschap, daar heb ik echt respect voor. Met die andere briljante verhalenverteller (mr. Cohen) reken ik Dylan tot de absolute top. Echter muzikaal moet er natuurlijk ook nog wat te genieten zijn, en helaas heb ik niet die klik met zijn muziek. Het klinkt inderdaad ook allemaal wat oubollig (maar dat geldt ook voor mr. Cohen en daar luister ik wel naar, dus dat kan eigenlijk geen argument zijn). Laten we het er maar gewoon op houden dat het mijn smaak niet is.
    In tegenstelling tot wat dhr. vdBerg beweert, heb ik me wel degelijk in deze nieuwe worp verdiept. wat jij schrijft over zijn stemgebruik, timing en dictie, kan ik volgen, mr. Dylan is sinds jaren niet zo op dreef geweest. maar mooi kan ik het niet vinden.

    en hoewel 14 minuten voor een liedje anno 2012 natuurlijk hopeloos te lang is – wat mijn respect voor Dylan alleen maar vergroot – is het ook zo dat dat nummer geen moment verveeld. dat zit hem niet zozeer in de muziek wat mij betreft (die is eigenlijk behoorlijk saai te noemen), maar in de enorme vertelkracht van de schrijver. dit is een geniaal maatschappijkritisch epos: niet voor niets duurt het zo lang, niet voor niets is het slaapverwekkend. Dylan maakt het overbekende verhaal van de Titanic (opnieuw) actueel voor onze tijd.

    Omdat Dylan dat lied tot titelsong maakt en het daarmee in verband brengt met Shakespeare’s The Tempest, zal het de sleutel zijn die het album qua betekenis kan openen. En wat die betekenissen allemaal zijn, daar zal ongewijfeld nog veel over ge-exegetiseerd worden door deze en gene, want af en toe is het behoorlijk cryptisch allemaal. Ongetwijfeld zitten er allerlei verborgen betekenissen in. Dylan heeft die informatie gecodeerd uitgezonden, en er zal nog heel wat `tempest’ voor nodig zijn om die informatie te onderscheppen en te ontcijferen. Dat is een andere betekenis van tempest, ongetwijfeld ook weer niet toevallig.

    • @Peter, dank voor je waarderende woorden en vooral voor je uitgebreide weging van Dylan. De stem van Dylan is inderdaad zo atypisch, dat je het wel of niet trekt. Eerlijk gezegd vind ik Dylan dan toch met meer variatie zingen dan de mompelaar Leonard Cohen. Ook tekstueel vind ik Dylan sterker, bijtender, verrassender dan het al te zweverige van Zen Cohen… (en nu maar hopen dat Mr. Drost uit zijn winter- cq studieslaap ontwaakt… ;-))
      14 minuten voor een liedje is best lang, maar op Time Out Of Mind staat Highlands dat 16 minuten duurt!! En dat stamt alweer uit 1997. Trouwens op The Seer van Swans staat een 32 minuten durend ‘liedje’… Maar dat heeft dan weer geen 45 coupletten. Daar wordt trouwens sowieso aanmerkelijk minder gezongen en meer ‘gedroned’. Ook imposant hoor. Daarover later hier meer…
      Ik dwaal af: Tempest maakt inderdaad het meeste indruk door de tekst, maar ik vind het Ierse walsje er toch perfect bij passen.
      En exegese van Dylans liedjes is en blijft boeiend. Misschien doet hier iemand anders nog een duit in het zakje…

  3. Prachtige recensie Kees, maar het gaat me ondanks dat niet over de streep trekken. Ik heb ouder werk van Dylan waarop hij ook een groot verteller is én veel beter bij stem. Times they are a changing…het hoofdstuk Dylan is dan ook gesloten voor mij. De platen raken me niet meer, de stem vind ik niet meer om aan te horen. Datzelfde heb ik overigens met Leonard Cohen anno nu. Het zijn niet bepaald Billy Holiday’s die een rijkere stem krijgen. Live -en dat heb ik van een fan, die zelfs 150 bootlegs van hem heeft- is Dylan ook dikwijls niet meer om aan te horen…dat hij er is, is voor de fan in kwestie voldoende. Maar dat gaat mij te ver.

    Kleine kanttekening waar je wat mij betreft even van je verder fraai geplaveide pad afgaat is (maar ik neem aan dat je gewoon wilde plagen):
    Twee citaten van gerespecteerde recensenten en muziekkenners alhier: ’Dylan klinkt tegenwoordig alsof hij schuurpapier in zijn keel heeft’ en ‘Bob Dylan klinkt alsof hij een oud schor dametje probeert te imiteren.’ Zeker, hij zou afgebrand worden door de jury van Idols of The Voice of Holland, maar datzelfde lot zou bijvoorbeeld Louis Armstrong en Tom Waits ook treffen. Daarom neem ik die jury’s ook helemaal niet serieus. Maar wat erger is: geciteerde muziekkenners hebben volgens mij nooit goed geluisterd naar Dylans stem op Tempest.

    Ten eerste is het een bekend citaat (dat van niet door de jury komen) en ten tweede laten Peter en ik ons niet bepaald leiden of het door de wasstraat van the Voice Of Holland kan en vellen we zelden licht een oordeel.

    Los van dat al, luister ik eigenlijk pas naar iemands verhaal als ik de muziek mooi vind en ook dat vind ik tegenwoordig niet meer. Ik hoor de vakmanschap, maar het doet me niets. Smaken…sja

    • Dank JW voor je waardering en je interessante reactie.
      Allereerst heb ik toch een vraag. Je schrijft: ‘het hoofdstuk Dylan is dan ook gesloten voor mij.’ Betekent dat dat je ‘Tempest’ ook niet meer beluisterd hebt? Als dat namelijk wel zo is, moet je toch erkennen dat zijn stem echt niet alleen maar schor is… Zeker in de meer ballad-achtige liedjes varieert hij genoeg…
      Over de live-optredens van Dylan kan ik niets zeggen, omdat ik Dylan nooit live zag, ook recent niet. Ik weet dat Wim vorig jaar nog bij het concert van Dylan was in Ahoy. Ik ben dan ook erg benieuwd naar zijn visie op Dylans stem (ook live) en vooral op al die meningen daarover…
      Mijn ‘zijweggetje’ was inderdaad om te plagen. Sterker nog: ik had dat al in de commentaren aangekondigd. Jullie vroegen daar natuurlijk ook zelf om ;-). Die van die Idols-jury is inderdaad niet zo origineel. Dat is ook de laatste keer dat ik die van stal heb gehaald. Bij deze beloofd! ;-). Maar mijn vraag blijft bij jou wel staan: heb je ‘Tempest’ wel of niet beluisterd? Of was dat op de ‘Bol-manier’? 😉
      En inderdaad, over smaak valt genoeg te twisten.
      (mijn volgende recensie wordt trouwens Swans; het zou zomaar kunnen dat we het daar mee over eens zijn…)

      • Jawel ik heb Tempest in z’n geheel beluisterd, omdat ik toch altijd nieuwsgierig ben. Maar ik word er net als op de vorige werken niet meer door gegrepen. Zijn stem is niet overal schor nee, maar ik mis die lekker bijtende en veel helderderderder sound van weleer. Maar ik ken meerdere volgelingen die het met jou eens zijn. Het scheelt ook zeker dat hij nooit mijn topfavoriete artiest is geweest.

        Het Idols/VoH verhaal klopt natuurlijk wel helemaal…ben toch blij dat we zonder dat keurmerk door het leven mogen als luisteraar 🙂

        Swans…kijk dat beloofd wat 🙂

      • Ik heb jullie natuurlijk véél hoger staan dan Nick, Simon, Van Velzentje en Treintje…
        Jij blijft voor mij de prof en Peter de digitale vochtvreter (en nog veel meer).
        Swans heb ik vandaag tijdens een lange autorit naar Wieringerwaard beluisterd: op volle sterkte. Man, man, man, wat een plaat. Ik ga jouw recensie ook helemaal niet overdoen – die is niet te overtreffen – maar ik kies wel voor een narratieve insteek…

      • Ik vind, maar dat telt niet, Dylan altijd wel een enorm goede kop hebben…een geloofwaardig hoofd

        Swans, de band had beter Feniks kunnen heten, of de Kat Met Negen Levens, want als je hun verschillende periodes er bijpakt….wat een band:

        1. Industriele, monotone baspartijen met bulderzang in het begin
        2. Kantelpunt met Children Of God, waar Jarboe er ook bijkomt, gevolgd door een rustiek maar loodzwaar tussendoortje met The Burning World
        3. Periode waarbij Gira meer songs hanteert en
        4. De terugkeer waarbij periodes 1 t/m 3 gewoon in een modern en imponerend jasje gestoken worden

      • Hahaha, de eeuwige subjectivist én positivist begint dan maar over het hoofd van Dylan… Heb je die film ‘I’m not there’ gezien? Dan weet je ook niet meer zo goed wat je over die kop én kanten van Dylan moet vinden 🙂

        En ook bedankt voor het korte overzicht van Swans: dat hoef ik dus ook niet meer te zeggen. Ik denk dat ik maar over de kleding van Michael Gira ga beginnen…

      • Het zou natuurlijk ook zomaar kunnen dat Micheal Gira wél positief over Bob Dylans laatste worp is – en echt niet alleen omdat ze beiden een Stetson dragen!

  4. Dylan in Ahoy? Zijn stem was van geen belang. Of juist toch wel. Met deze stem een zin als Well, the cuckoo is a pretty bird, she warbles as she flies zingen. Het esthetisch oordeel raakte ondergeschikt aan het zijn. Wholespeak zou Les Murray dit noemen.

    Dylan één keer beluisteren is niet voldoende. Zelfs zijn zogenaamd slechte platen (Empire Burlesque?) blijken na verloop van tijd voor zich te spreken. Ik vermoed dat Tempest niet zo goed is als nu her en der wordt beweerd maar dat het album later beter zal blijken te zijn dan was vermoed.

    Swans? The Seer kent indrukwekkende momenten, zeker. Maar minstens de helft is gebakken lucht. Om over een ridicule tekst als deze

    Ladder to god
    Ladder to god
    Space cunt
    Brain wash
    Star dust
    Space fuck- cunt
    Cunt

    nog maar te zwijgen. Ergo, Dylan wordt momenteel overschat, Swans ook.

    • Tja, als het estethisch oordeel ondergeschikt raakt aan het zijn, geldt dat toch niet alleen voor Dylan, maar ook voor Swans? Of mis ik nu een punt?
      Tuurlijk: die tekst hierboven is ridicuul, provocerend en getuigt van een soort kosmos-erotiek die de mijne niet is, maar heeft jouw geliefde Current 93 ook niet van die onnavolgbare merkwaardige tekstuele fratsen, waarbij tig spirituele ideeën van de meest uiteenlopende soort in een grote blender worden gemikt?
      Jij doet mij trouwens een beetje aan wijlen prof. Graafland denken – ooit nog gehoord op Tholen? – dat was een goed theoloog en een prima prediker, maar hij koos altijd wel voor de contramine, al naar gelang het podium waar hij op stond (was zijn publiek conservatief, dan kwam hij met allerlei vernieuwende opmerkingen; was zijn publiek progressief, dan legde hij juist nadruk op de orthodoxie). Een vergelijkbare rol lijk jij hier ook wel eens te vervullen, of heb ik het mis?

  5. Wim, je bent weer onnavolgbaar origineel in je commentaar, maar vind je Dylan nu goed of toch niet zo goed, of beter dan je dacht maar minder dan je verwachtte, of zoiets?

    • Dit lijken mij wel goede vragen…
      Maar het zou kunnen dat hier wederom een dialectisch filosofisch antwoord op komt… 😉

  6. Dylan is wel goed. Maar niet zo ‘meesterwerkelijk’ als door menigeen wordt beleden. Het is een soort dieselplaat: langzaam maar zeker warmdraaien en dan een fundamenteel onderdeel van de/een collectie vormen.
    @ Kees. Dylan in Ahoy betreft het concert. Dan gaat het om de hele gebeurtenis, niet alleen om de stem. Dat heb ik met die – toegegeven – ingewikkelde zinsnede willen zeggen. Bijna een eeuw Amerkaanse folk vertolkte zich daar middels Dylan en zijn band. Of dankzij Dylan en zijn band. Het is inmiddels ook wel een beetje gezeur, dat debat over ‘de stem’.
    Je opmerking dat ik altijd tegendraads ben is een beetje flauw. Dylan benader ik positief kritisch. Daarnaast heb ik over Swans opgemerkt dat het album indrukwekkende momenten ken. Het kan zelfs zijn dat ik de slechte nieuwe plaat van The Killers gewoon goed ga vinden omdat het The Killers zijn.
    Current 93 is niet mijn ‘geliefde band’. Ik heb één plaat van deze band en een zeer fraaie doos met remixes van Andrew Liles. Daarnaast is dit geen goed argument. Los van het feit of ik tekstuele flauwekul van Current 93 accepteer kan Swans tekstuele flauwekul produceren.
    Graafland? Een willekeurige prediker als exempel? Waarom geen Nietzsche?!
    Je mag mijn kritiek op de teksten van Swans niet opvatten als een moreel of metafysisch oordeel. Het gaat mij om het – door mij ervaren – onzingehalte van deze teksten.
    Tenslotte: mijn oordeel aangaande de nieuwe Swans is sterk gekleurd door het nieuwe album van Bosse-de-Nage (III) dat in mijn ogen en oren alles heeft wat Swans uiteindelijk tekort komt. Let wel, ik beweer niet dat Swans een slechte plaat heeft gemaakt. The Seer is overdonderend en verontrustend en bij momenten prachtig. Ik beweer alleen dat het album dat op andere momenten nu juist niet is. En dat het ‘daar juicht een toon, daar klinkt een stem’ rondom Swans wat al te hoog en vroeg van de toren blaast.
    * verschansing weer opzoekt*

    • Helder antwoord, Wim ;-).
      Maarre… ik heb niet gezegd dat je altijd tegendraads ben, ik spreek zelfs letterlijk over ‘wel eens’. Dat lijkt me niet altijd. En ach, een beetje flauwheid is me inderdaad niet vreemd.
      Excuses als ik Current 93 te hoog had ingeschaald in jouw muzikaal pantheon. Jouw enthousiasme waar je ooit tijdens één van onze ontmoetingen over deze band van gewaagde, heeft mij die conclusie te voorbarig doen trekken. Ik trok de vergelijking met Current 93, omdat die toch ook vaak zo kosmisch en spiritueel bezig zijn, waarbij allerlei grenzen wegvallen. Maar het zou kunnen dat hier de klok en de klepel teveel door elkaar heenlopen. Ik zal die Bosse-de-Nage eens beluisteren. Het zegt me werkelijk niets, maar dat is ook het leuke van jou en JW: van die heerlijke obscure muziek, waar ik me graag in dompel.

      O ja, Graafland is toch echt geen ‘willekeurige prediker’. Daar doe je deze invloedrijke man uit mijn eigen traditie wel tekort mee. En Nietzsche was hier nu eenmaal al veel vaker langsgekomen. Een beetje origineel probeer ik altijd wel te zijn.

      Goed, ik trek me weer terug achter mijn kantelen…

    • Ik ben toch wel heel nieuwsgierig welk album van Current 93, waar ik dan iets meer van in de kast heb staan, maar zeker niet alles. Hun of zijn magnum opus is en blijft wat mij betreft All the pretty little horses, al zijn er meerdere erg goed.

      • @JW. Aleph At Hallucinatory Mountain uit 2009. Een heel mooie (vinyl) plaat trouwens. Daarnaast heb ik ook een Current 93 dreamt by Andrew Liles – Like Swallowing Eclipses, een prachtige doos met zes vinylplaten. Ik vind Current 93 een bijzondere band. All The Pretty Little Horses ken ik niet. Is dat te vergelijken met Aleph?

      • Current 93 deze eeuw is eigenlijk veel mooier dan al die Duivelspraktijken van hem ervoor…muzikaal ook interessanter. All The Pretty Little Horses is een melancholisch liedjesalbum, heruitgegeven in de set The Inmost Light. Overigens zijn Antony en Bonnie Prince Billy ook fans 🙂

      • Ai, Wim kennende – maar ja, wat is kennen? – zullen die laatste twee namen voor hem niet direct in ’s bands voordeel zijn… (sorry, kon ik niet laten)

        Mooi fluisterliedje dit trouwens…

      • Die nummers ken ik! Erg mooi.
        Intussen toch wel grappig om te merken hoe we via Dylans stem – en daar geef ik Wim gelijk in, die discussie daarover begint een beetje op gezeur te lijken – terechtgekomen bij zulk gefluister van Current 93 en nu deze falset 🙂

      • Die twee namen zijn inderdaad ‘niet in ’s bands voordeel’. Maar dat is slechts smaak, want waardering heb ik wel voor ze. All The Pretty Little Horses is inderdaad fraai. Meer donkerte (in de muziek) dan op Aleph lijkt me.

        Ik luister momenteel veel naar bands/projecten zoals Horseback:

      • Tja Wim. Die Paardenrug voelt niet echt comfortabel. Muzikaal is er weinig mis, maar vocaal hoor ik dan toch echt tien keer liever Dylan (klein bruggetje). Ik kan intussen best de nodige grunts en screams hebben, maar dit doet me meer denken aan een soort wolvengegrom.
        Intussen zijn we met die ridicule tekst van Swans, de religieuze meltingpot en nu weer een verwijzing naar de hellenistische Mithrasgodsdienst inhoudelijk wel behoorlijk ver van de Oudtestamentische aardsheid van Dylan als ik het zo zeggen mag (tweede bruggetje) 😉

      • Dat is allemaal waar Kees. Zeg na het horen van onze Horseback-vriend nog maar eens dat Dylan ‘een slechte stem’ heeft… 🙂

        Ik vroeg me na het herlezen van je recensie (van Dylan) wel af: welke plaats neemt dit album volgens jou in zijn oeuvre in? En ook: wat zie jij als zijn beste werk(en)?

      • Zo, daar stel je even een paar weidse vragen…
        Eerlijk gezegd vind ik het lastig om nu al een plaats te bepalen in het oeuvre van Dylan. De plaat doet me enerzijds denken aan het bluesy Time Out Of Mind, maar ook wel aan de folkachtige liedjes van Good As I Been To You. Dat zijn trouwens beide wel favoriete Dylan-platen van me. Maar er is meer, zoals Dylan natuurlijk al zo lang meegaat en zoveel ‘gezichten’ heeft.
        Uit het begin vind ik Bringing It All Back Home erg goed, maar John Wesley Harding ook en niet te vergeten Blood On The Tracks.
        The Basement Tapes (met The Band) vind ik ook een erg fijne plaat, juist door het losse karakter van de uitvoeringen. Tja, kiezen kan ik dus niet echt. Hoewel dit al een keuze is. O ja, zou ik toch weer bijna die gospelplaten vergeten. Mijn instapplaat was namelijk ooit Saved. Van de drie gospelplaten vind ik Slow Train Coming het mooist… Kun je hier wat mee?

      • Ja, dat is een aardige (en grondige) uiteenzetting. Ik vind Shot Of Love het beste album van zijn gospelperiode. Als je Infidels ook tot die periode rekent (zoals ik doe), dan is dat wellicht het beste album. Niet voor niets stamt Blind Willie McTell uit die tijd: opgenomen met Mark Knopfler. Oh Mercy is wellicht zijn beste album. Eén van de liedjes op Tempest (ik weet even niet welk) deed me sterk denken aan The Man In The Long Black Coat. Daarnaast spreekt Empire Burlesque (met het ronduit geweldige Dark Eyes) mij ook zeer aan. Juist vanwege die holle, jaren tachtig productie. New Morning en Street Legal hebben mijn voorkeur als het om het oudere werk gaat. Ook de drie-cd-uitvoering van Tell Tale Signs uit The Bootleg Series is erg mooi.

        Nu we het toch over oude mannen hebben: de nieuwe Van Morrison krijgt her en der al lof. Heb jij dit album al gehoord?

      • Met jouw uiteenzetting kan ik ook heel goed leven. O Mercy is ook prachtig. Ach, als ik al die albums – nu even geen tijd voor – zou gaan beluisteren, kwam ik misschien wel weer tot een andere opsomming.
        Over Van the Man gesproken. Nee, diens nieuwste heb ik nog niet gehoord. Zou zomaar iets voor Daniel zonder Puntjes kunnen zijn – een ware fan – maar die houdt die bespiegelingen nu liever voor zich, heb ik begrepen.

  7. Hé, je hebt niets over The Killers gezegd! Als het draadje dan toch alle kanten opwaait…
    Bosse-de-Nage heeft overigens buitengewoon merkwaardige teksten. Intrigerend maar voorlopig nog niet te doorgronden.
    Overigens – via Swans – via Alan Sparhawk die meezingt met Swans – via Alan Sparhawk zelf: weet je dat hij een nieuwe ep heeft gemaakt?

    • Ik heb die Killersplaat één keer op de Luisterpaal beluisterd. Te weinig om er echt iets over te kunnen zeggen. Ik was die eerste keer niet bijster onder de indruk. Maar wie weet…
      En ja, die ep had ik vernomen, het is weer een ander zijproject van Sparhawk toch?

  8. Pingback: mousique’s jaarlijst 2012 | mousique.nl

Reacties zijn gesloten.