Recensie: Moss – Ornaments

Als kind deed ik aan dammen. Ik zat zelfs op een heuse damclub. Excelsior was de naam. Deze Latijnse naam betekent ‘steeds hoger’ of ‘steeds beter’. Die naam kon ik zelf maar tot op bepaalde hoogte waarmaken. Ik won wel een aantal prijzen, waaronder het clubkampioenschap, maar ik werd bijvoorbeeld ook een keer tweede achter mijn jongere broertje. Ik had daar zo de P in, dat ik niet naar de prijsuitreiking ging. Ik schrijf dit met nog immer schaamrood op de kaken …
Excelsior is ook de naam van het (intussen bekende) Nederlandse onafhankelijke label, officieel zelfs Excelsior Recordings. Of dat label steeds beter is geworden, weet ik niet, maar feit is wel, dat het steeds groter is geworden. Vanaf het begin ligt daar de nadruk op gitaarbandjes en singer songwriters. De band Moss is vanaf hun begin verbonden aan Excelsior Recordings. Ik meen dat zij de betekenis van die Latijnse naam wel waar kunnen maken. Elke nieuwe plaat was beter dan de vorige, met als (voorlopig) hoogtepunt hun laatste worp: Ornaments.

Debuutplaat The long way back (2007) stond vol met singer songwriter-achtige liedjes, met een prominente plaats voor de (akoestische) gitaar. De akoestische gitaren werden op Never be scared / Don’t be a hero (2009) aan de wilgen gehangen om plaats te maken voor louter elektrische gitaren. Dit album heb ik werkelijk grijsgedraaid, hoewel dat moeilijk is bij zo’n veelkleurig en veelstemmige plaat. Nog immer roept dit album veel vrolijkheid en levenslust bij mij op.
Met die plaat nog in de oren en het hart was Ornaments toch even wennen. De sfeer is een stuk donkerder. In die zin is het artwork van Thijs Kuijken (a.k.a. I am Oak) raak getroffen.  Never be scared / Don’t be a hero heeft een cover vol kleurige lichteffecten. Ornaments daarentegen heeft een stemmige voorkant, die zo voorop een rouwkaart zou passen. Op de achterkant staat een zwarte raaf… Het gaat in de liedjes dan ook regelmatig over de dood en het verdriet.
Maar ook muzikaal is het wennen. De rinkelende gitaren zijn flink naar de achtergrond gedrongen en die prachtige tweestemmige koortjes zijn zeldzamer geworden. Heeft dat te maken met het vertrek van de Engelsman Bob Gibson, die het vorige album deze kleur gaf?
Het beginnummer I Am Human is illustratief. Het begint met een donkere synthesizersound. Daar zet zich een nadrukkelijk tweetonig basloopje overheen, waar bovenop weer wat eenvoudige keys worden gedrapeerd. De drums zetten in en zanger Marien Dorleijn begint te zingen. De tekst getuigt van ’s mensen aanpassingsvermogen en flexibiliteit. Toch een hoopvol gegeven in een tijd waar veel mensen vast zitten in vooroordelen en angst… Intussen komen er steeds meer details bij: backings, handclaps en andere percussie. Dit zijn onder andere de ornamenten, oftewel de versieringen die het fraaie gebouw van dit album tooien. Elke keer valt er weer een ander ornament je oor binnen… Maar, het moet gezegd: hier was geen gitaar te horen. Toch voorheen hét handelskenmerk van Moss…
Nu zijn er natuurlijk veel meer bands geweest die flink aan de electronica zijn gegaan. Ik noem een Radiohead, een Editors, een Low, met respectievelijk Kid A, In This Light And On This Evening en Drums and Guns. Maar dit werd niet altijd onverdeeld positief ontvangen. Hier bij Moss pakt het voor mij wel wonderwel goed uit.
Zanger Dorleijn vertelde in een interview dat er nu minder de nadruk ligt op de melodie en meer op het ritmische. Dat geeft de nummers wel heel veel sfeer. Vaak krijgen de liedjes door het minimale en repetitieve karakter bijna een soort trance-achtige kracht. Give Your Love To The Ones You Love is daar een sterk voorbeeld van. De korte tekst komt daardoor alleen maar krachtiger aan: Men are all the same, waiting to be tamed. But I am a modest man, giving all I can. Nee, de menselijke conditie wordt niet mooier afgeschilderd dan zij is, maar er is de liefde: blijf die maar delen.
De gitaar is natuurlijk niet helemaal vervangen door de synths en andere electronica. Spellbound, Good People en single What You Want worden zeker nog door het elektrische snarenspel gedragen, maar ook hier zijn vooral de ornamenten van grote schoonheid.
Het album heeft vaak iets jachtigs. Gedreven mag je het ook noemen. Tegelijk wordt er ook wel eens teruggeschakeld. Tiny Love is zo’n rustpunt. De dubby drums zijn heerlijk, de synths leggen een rustiek tapijt neer en Dorleijn zingt prachtig over opnieuw de liefde. Sterker nog: ik zou het een appendix van hét Loflied op de Liefde (uit 1 Korinthiërs 13: de meeste van deze is de liefde) willen noemen. Hoe kwetsbaar deze ‘tiny love’ ook is, uiteindelijk is ze ‘wonderful’ en zelfs ‘powerful’! Maar waar de liefde is, is de dood vaak niet ver weg, verwoordde Gerard Reve maar al te vaak. En dat komt in dat andere rustpunt op de plaat, Everything Died In Your Heart aan de orde. Hier slaat de stem van Dorleijn dan begrijpelijkerwijs regelmatig over…
Ornament tenslotte is een ruim negen minuten durende proeve van bekwaamheid in spacerock en psychedica. Deze kant kenden we zeker nog niet van Moss die immers het drie à vier minuten popliedje beheerste. Maar met Ornament komen ze in één keer in de hogere regionen van krautrock en psychedelische rock. Klasse!

Over elk liedje zijn hele beschouwingen te houden. Daar waag ik me maar niet aan. Ik moest van de week wel telkens denken aan The Shins. Zij maakten ooit furore met Chutes Too Narrow (2003). Ook dat album stond vol sprankelende, veelstemmige en vrolijke gitaarpop. Vervolgens kwam Wincing The Night Away (2007) uit. Dit was een veel donkerder album, dat me toch nog meer bij de lurven greep. Hetzelfde maak ik nu mee met Moss. De vergelijking met The Shins geeft ook aan over welk niveau we het hier hebben. Daarom mogen ze wat mij betreft de titel ‘vlaggeschip van Excelsior Recordings‘ dragen. De vraag rijst evenwel: kan het nóg beter??

34 gedachtes over “Recensie: Moss – Ornaments

  1. Leuk dat je deze cd hier (zo uitgebreid) bespreekt. ik had hem ook al even als tip onder mijn laatste artikel gezet. Ik moet hem nog wat vaker gaan luisteren, maar op het eerste gehoor inderdaad een lekker album.

    probleem met die hele krautrock/new-wav-en-andere-80’s-stuff-revival is dat men eigenlijk nooit de originele inspiratiebronnen overstijgt en veel van die bands ook weer erg op elkaar gaan lijken. ik heb mezelf helemaal ondergedompeld de laatste tijd in: Talk Talk, Can, Tangerine Dream, Japan, Siouxsie & The Banshees, Gary Numan, Talking Heads, Velvet Underground en noem maar op. Dan klinkt die nieuwerwetse namaak toch een beetje flets hoor…
    ben benieuwd hoe die nieuwe plaat van Minco mijn lakmoesproef gaat doorstaan…

    • Tuurlijk gaat er vaak niets boven de bron waar men uit put. Toch zou ik dat nummer van 9 minuten van Moss een paar luisterbeurten gunnen. Het zit prachtig in elkaar én het is behoorlijk anders dan de rest. Live zou dit wel eens tot een heerlijke jam kunnen leiden…

      • De psychedelische kant van Moss komt al langer naar voren tijdens optredens. Bijvoorbeeld met een geheel eigen uitgesponnen versie van Silent Shout van The Knife….

      • Fraaie cover van een op zich al zo fraai nummer! Dank Stephan. Wanneer was dit? Een keer op Oerol?

      • Ik herinnerde het me als een toegift in Utrecht, maar het filmpje is inderdaad een registratie op Oerol. Zomer 2010 volgens YouTube.

      • Over psychedelisch gesproken. Ik heb ‘Never be scared/Don’t be a hero’ opstaan en het slot van ‘I like the chemistry’ is toch ook behoorlijk psychedelisch. Hetzelfde geldt voor het nummer ‘Silent Hill’. Maar wat daar een toetje was, wordt nu in ‘Ornament’ tot hoofdgerecht!

    • Ik kan me hierin wel vinden peTer…alleen is het wel zo dat de techniek er sinds onze helden behoorlijk op vooruit is gegaan. Hierdoor klinken bands als Interpol en Editors (om 2 voorbeelden te noemen) eigenlijk beter (ik zeg niet dat ze beter zijn). En de inmenging van andere stijlen die er in de loop der jaren bij zijn gekomen maakt ook dat ze dikwijls heel anders klinken.

      Voor de rest fijne recensie Kees en veel luisterplezier peTer met dat mooie rijtje namen 😉

      • Thx, JW.
        Je maakt trouwens wel een goed punt over techniek e.d. Ik zou trouwens Moss ook geen retrobandje willen noemen. Daarvoor ontwikkelen zij zich ook teveel en mengen ze de diverse stijlen lekker door elkaar heen. Dat maakt ze voor mij ook op dit moment tot het vlaggeschip van Excelsior!
        En die Peter heeft zeker een mooi rijtje. Zelf draai ik op dit moment Rubicon van Tangerine Dream. Man, wat een heerlijke uitgesponnenheid is dat!

  2. Stephan, jij was eerst wat sceptisch m.b.t. Ornaments i.v.m. Never Be Scared/Don’t Be A Hero. Hoe zijn je luisterbevindingen nu?

    • Ik ben nog steeds sceptisch. Ik luister met plezier naar Ornaments, maar het vorige album vind ik simpelweg een slag beter. Misschien mis ik de inbreng van Bob Gibson; het accent op het gitaarspel en de heerlijke samenzang. De nadruk op melodie tegenover het ritmische van de nieuwste.

      Neemt niet weg dat Moss nog altijd een eigen smoel heeft en ik in april gewoon weer ga genieten van hun kunsten op het podium.

  3. Ik ga zeker eens luisteren, donker, minimaal klinkt als een heerlijk album. bedankt voor de mooie woorden Kees

  4. Wat in nog even wilde toevoegen aan de discussie over het inspirerende het op te laten nemen tegen de geinspireerde.
    Ik denk dat je de twee los van elkaar moet zien. Eerder als de appel en de boom, de vader en de zoon. er zijn onmiskenbaar overeenkomsten maar het is niet hetzelfde en wil vaak ook niet hetzelfde zijn.

      • En Editors maakten natuurlijk met hun laatste album muzikaal een grotere move dan Joy Division deed. Alhoewel dat ook niet helemaal eerlijk is, omdat Joy Division maar twee echte studioalbums maakte. Die me trouwens beiden zeer lief zijn (Closer raakt me nog net wat meer dan het debuutalbum).

      • ook dat is waar…

        ik vind het debuut net wat mooier, mede door het zo ontzettend mooie “day of the lords”, maar het is een miniem verschil van een 10 en een 9,99

  5. Bij mij is het minieme verschil net andersom 😉
    Maar Day of the Lords is zeker een geweldig nummer, ooit ook mooi gecoverd door 16 Horsepower.

  6. Grappig trouwens, dat we intussen bij zulke ‘zware’ bands als Editors en Joy Division aangekomen zijn. En die zwaarte betrek ik dan op de doem die op deze beide bands ligt: muzikaal en tekstueel. Terwijl Moss toch wel wat lichtvoetiger is – ja ook op Ornaments! – muzikaal is er ook een link naar de synthpop van OMD c.s. denk ik.

  7. inmiddels een paar keer geluisterd. inderdaad: lekkere muziek, minimaal, ritmisch. toch ook wel redelijk oppervlakkig naar mijn mening, weet niet of het echt gaat beklijven.

    Editors (b.v. An End Has A Start) was een goed voorbeeld van een band die sterk door de 80’s new-wave ed beïnvloed is en toch een uniek geluid wist te bereiken. Laatste werk vind ik wel een stuk minder.

    Topper op dit gebied blijft toch The National, naar mijn bescheiden mening, die klinken niet zozeer als Joy Division, die zijn de nieuwe Joy Division (hoop alleen dat de zanger niet op dezelfde manier eindigt). Gelukkig heeft The National al 3 albums gemaakt, dus w.s. zijn ze door de gevarenzone heen…

    • De teksten van Moss kun je toch al niet echt oppervlakkig noemen, Peter. Neem de tekst van Zeeuw (!) Dorleijn over de zee in ‘Spellbound’:

      As I walk to your house on the end of the bay.
      Where the ocean sounds louder in every way.
      There’s salt in the air and a mind full of doubts.
      I don’t want to go home, don’t need anything else.
      Hold on, you won’t need it.
      The sea is a door; you asked to come in.
      All lost in its waves, unable to swim…

      En de plaat op de koptelefoon beluisteren zal nog wel eens de nodige fraaie ‘ornamenten’ kunnen doen opduiken…

      • Hmm, bij mij als man van het Woord zijn teksten wel belangrijk. Maar ook ik word wel het eerst gepakt (of niet) door muziek en stem. Maar mijn opmerking richting Peter beperkt zich niet alleen tot de teksten. Ook muzikaal vind ik juist veel gelaagdheid en diepte in Ornaments.

      • ook ik luister niet in eerste instantie naar de teksten, hoewel ik die niet onbelangrijk vind. het is de muziek waar ik het over had, en die opmerking is natuurlijk heel persoonlijk.

      • Nogmaals de suggestie: een koptelefoon kan hier nog wonderen doen… Het hoeft niet hoor, het kan…

  8. Als het hier dan toch alle kanten opschiet, de tekst is voor mij zeer belangrijk. Niet zelden het meest belangrijk. Een fraai liedje met een tekst van likmevestje leidt in huize w. een marginaal bestaan. Daarom, alweer een nieuwe kant qua riching, ben ik ook zo verguld met het werkelijk schitterende, tweede album van Dare Dukes. Prachtige teksten én prachtige muziek. Binnenkort hier http://www.realrootscafe.com/februari.html mijn recensie. Je kunt op deze pagina nu al mijn recensie van de woest aantrekkelijke Scott H Biram (Bad Ingredients) lezen. Ook een aanrader!

    • Gaan we checken, Wim. Maar er is natuurlijk niets op tegen als jij teruggaat naar de hoofdweg van deze bijdrage en je licht laat vallen op Ornaments. Ik heb zo maar het idee dat Petrus wat verdieping nodig heeft… 😉

      • Mooi liedje trouwens van dat Dare Dukes. Ik vind het clipje trouwens ook van een zeldzame vrolijkheid getuigen, die me warme nostalgische gevoelens bezorgt. Alhoewel ik niet zo goed kon fiets crossen als die jongen in de clip… 😦

  9. Ornaments: ik hoor (ook) de invloed van Vampire Weekend en Bon Iver. In mijn recensie voor het eerstvolgende nummer van Heaven (dat over een week of wat zal verschijnen) heb ik eerst de aandacht gevestigd op het fraaie eerste album van Moss. Dat album, vol fraaie liedjes en dito koortjes, krijgt niet de aandacht en waardering die het verdient. Ik concludeer dat Ornaments het derde goede album op rij is, dus niet noodzakelijkerwijs het beste. Het verschil tussen Never be scared / Don’t be a hero (2009) en Ornaments heeft Kees hier treffend verwoord.

    • Meer Vampire Weekend dan Bon Iver, behoudens dan wat flarden in het slotnummer.
      Ik meen mij van jouw recensie van het debuutalbum te herinneren, dat je het vergeleken bij Nuff Said – die andere Zeeuwen (!) – nog wat voorzichtigjes vond…

  10. Het clipje en liedje tovert ook een glimlach op mijn gezicht. Bedankt Wim! Had nog nooit van DD gehoord. Die site van Realrootscafe vind ik wel wat onoverzichtelijk. Ik klik op cdreviews van 2011 en krijg reviews uit 2008 te lezen (wel grappig: ik zag een recensie van de door mij zeer gewaardeerde Mike Farris). Maar verder een heel interessante site! Ik ontdekte pas ook http://www.johnnysgarden.nl, mooie site met voornamelijk americana en rootsrecensies.

  11. Nog even een late reactie: ik heb de plaat de laatste week helemaal grijsgedraaid. Af en toe heel, heel hard in de auto. Heerlijk. Wat een plaat! ‘What you want’ is een van de mooiste pareltjes. Heerlijk…

    • Ja, terwijl dat liedje juist nog een beetje Moss-oude stijl is zeg maar. Maar dat was ook helemaal geen verkeerde stijl. Integendeel!

  12. I have not checked in here for a while since I thought it was getting boring, but the last few posts are good quality so I guess I’ll add you back to my daily bloglist. You deserve it my friend gdeaedkkeedd

Reacties zijn gesloten.