Concertverslag North Sea Jazz eerste dag (8 juli 2011)

Mijn programma had ik vooraf zorgvuldig samengesteld. Het was net als met een goed glas bier: te vol, maar erg lekker. Nog geen minuut in Ahoy, besloot ik op basis van enkele adviezen, Ahmad Jamal te laten schieten en naar de jonge jazzsensatie Esperanza Spalding te gaan (vorig jaar grammy award voor ‘beste nieuwe artiest’, waarmee ze verrassend de gedoodverfde Justin Bieber versloeg). Ik was op tijd en had geluk. Er scheen tien minuten al een lange rij te staan en mensen mochten niet meer naar binnen.  De zaal werd donker gemaakt, er werd om stilte gevraagd en een paar minuten later ging er ergens naast het podium een schemerlamp aan en daar zat Esperanza op een sofa, die begon te zingen. De toon was gezet. Esperanza en haar Chamber Music Society maakten er een prachtig, intiem ‘huiskamer’ concert van.  Spalding mixt vocal jazz met wereldmuziek, folk en klassiek. In haar zang gaat het vaak meer om een aaneenrijging van klanken , dan om het zingen van echte liedjes. Ze begeleidde zichzelf op contrabas en waagde zich af en toe ook aan expressieve danspasjes. Het was mooi.

Vervolgens Paul Simon. De man zag er oud uit. Maar ja, hij is dan ook al in de zeventig. Op zijn vertrouwde stemgeluid zit echter nog geen spoortje sleet. De man zingt nog bijna even soepel als vijftig jaar geleden. Hij had zich omringd met een goede band, die strak speelde en waarvan enkele leden voor spetterende solo’s zorgden. Ouder werk kwam voorbij, maar natuurlijk ook nummers van zijn nieuwste cd So Beautiful, Or So What. En toch vonkte het niet, voor mijn gevoel. Of het lag aan het geluid in de grote zaal de Nile, of aan de routine waarmee de show gedraaid werd, of aan de opbouw van de setlist, het was gewoon een tikkeltje… saai. En dus vertrokken we halverwege om wat te gaan eten.

Daarna naar een andere veteraan, BB King. En zo ongeïnspireerd als het was bij Simon, zo bezield was het bij de blueslegende (85 jaar!). Omringd door een voortreffelijke band van bejaarde knarren, zocht King onmiddellijk contact met zijn publiek. Hij deed dat met veel humor en we slikten het allemaal als zoete koek. De muziek was echt van een geweldig niveau en ik was blij om deze bluesgigant live te hebben mogen zien en horen, maar toch vertrokken we al na een half uur om vooraan te kunnen zitten bij Robert Randolph & The Family Band.

De kranten en nieuwssites schrijven allemaal dat Janelle Monae de sensatie van de dag was, maar dan zijn ze waarschijnlijk niet bij Randolph geweest. Die stond op een veel kleiner podium (de Congo), maar het dak ging eraf. Wat mij betreft maakte hij mijn hoog gespannen verwachtingen meer dan waar. Ik had de indruk dat veel mensen hem vooraf niet kenden en dus zeer aangenaam verrast werden. Wat een show! Robert Randolph voerde zijn multigetalenteerde band aan en ook al ging er af en toe wat mis met de techniek, iedereen ging helemaal los. Ongelooflijk wat deze man kan op een steel guitar. Daarnaast is hij een goed performer, die contact zoekt met zijn publiek. Halverwege mocht iemand die gitaar kon en durfde spelen, het podium op om een nummertje mee te doen. Dat deed hij helemaal niet onverdienstelijk en het vergrootte de feestvreugde alleen maar meer.  Na afloop schreeuwde iedereen om een toegift, die er ook kwam. Voor mij was dit misschien wel het beste concert dat ik de afgelopen jaren op NSJ heb meegemaakt. In ieder geval het leukste.

Ja en wat moet je daarna dan nog? Ik besloot Andreya Triana te laten schieten, de vergelijkingen met Lauryn Hill en Eryka Badu ten spijt en nog wat echte jazz mee te pikken. Op naar de Yennissei, waar het hele repertoire van een legendarisch concert van Eric Dolphy in de Five Spot in New York integraal werd nagespeeld. Onderweg nog even het duet van Alain Clark met zijn vader meegepikt; blijft leuk om te zien. Toen dus Eric Dolphy at The Five Spot Revisited, maar met Randolph nog in mijn hoofd was dit wel een heel grote overgang. Erg lang hield ik het niet uit. Geen probleem: niets leukers dan langs de verschillende muziekwinkeltjes struinen en nog even wat gaan drinken met elkaar op een terrasje buiten.

En zo was ook deze editie weer voorbij. Van mijn metgezellen hoorde ik verhalen over te drukke toestanden bij Kyteman (die zelf niet eens optrad, maar zijn oom introduceerde) en druk was het inderdaad ook dit jaar weer. Buiten werden ons alweer tweedehands  kaartjes voor het concert van Prince aangeboden, wat dan  nog moest beginnen. Maar wij togen naar huis voor een goed glas wijn  en een pot risk, met een hoofd vol mooie muziek. Ik had op het festival het album One Kind Favor van BB King op de kop getikt (geproduceerd door T-Bone Burnett, grammy award 2008) en op deze relaxte bluesklanken zetten we thuis het feestje nog even voort.

Vanavond kijken naar de tweede dag op Nederland 3 (of kijken/luisteren op de site van Radio6)!

Recensie We Walk This Road, Robert Randolph, zie hier.

Recensie So Beautiful, Or So What, Paul Simon, zie hier.

Advertenties

12 gedachtes over “Concertverslag North Sea Jazz eerste dag (8 juli 2011)

  1. Mooi verslag Daniel!
    Gisteren heb ik natuurlijk even op Nederland 3 gekeken (zappend heen en weer tussen dit en de Avondetappe). Alain Clark vind ik bijvoorbeeld wel een grappige kerel, maar ik heb heel weinig met zijn ‘niets aan de hand’ -liedjes, die hij ook nog eens keer eindeloos oprekte.
    Toen zag ik die Randolph, die ik eerlijk gezegd alleen kende van jouw recensie hier. Man, wat kan die gast spelen! En dat beest van een drummer niet te vergeten. Ze deden een versie van Voodoo Child van Hendrix, waar de vonken van af vlogen. Wow!
    Maar het meest intrigerende vond ik de Noor Terje Isungset die letterlijk ijselijke muziek maakt. Hij speelt op instrumenten die uit ijs zijn gehakt. Hier een filmpje hoe dat in z’n werk gaat:

  2. Ow, dus Randolph was op TV? Dat ga ik nog even nakijken op uitzending gemist. Ja van die Noor had ik ook gehoord, maar pas na zijn optreden. Ik krijg het filmpje niet afgespeeld, maar ik begreep dat de instrumenten in speciale kisten wordt aangevoerd tot zo dicht mogelijk bij het podium en dat ze spelen tot ze niet meer kunnen… Letterlijk, omdat de instrumenten dan te ver gesmolten zijn. Bizar!

    • Randolph was volgens mij met één nummer, maar dat was wel lekker lang, want soleren kan hij wel!
      Wat die Noor betreft, gewoon even zijn naam intukken op Google, video’s aanklikken en kijken maar, want er staat genoeg op het web (media-geniek is het natuurlijk wel).
      Ik hoorde trouwens ook dat Prince een beetje tegenviel: geluid erg hard en één grote brij en hij speelde veel covers. Vanavond in de herkansing! Hij moet gewoon ‘Sign ‘O’ the Times’ integraal spelen. Dan kan het niet verkeerd gaan!

  3. Trouwens, die bassist/zanger van Randolph kon er ook wat van, vond je niet? Hoe kwamen de stemmen uit de verf op TV? In de zaal af en toe slecht.

    • Ja, die bassist was ook vet (vooral die tattoo in zijn nek ;-)!). Met de stemmen viel het reuze mee. Zeker bij Alain Clark, maar toen ben ik even bij Mart langs geweest…

    • Ha, en welk album houdt Jonathan Jeremiah – in mooie uitklaphoes – in handen? Tapestry van Carole King. Hoezo deja vu? http://www.youtube.com/watch?v=jieN2Hp5hS4
      Dat verhaal over die pluck- en thump-techniek van Larry Graham is zeker boeiend. Ik vond het getoonde concertfragment wel een erg gladde Graham laten zien. Erg obligaat ook. Dan vond ik die Randolph veel puurder en energieker.

  4. Ja, bij Randolph spatte het ervan af. Jonathan Jeremiah ben ik niet gaan zien, om dezelfde reden waarom Carole King en James Taylor me niet boeien: ik vind het te ‘braaf’ ofzo. Kan het niet goed uitleggen.

    • Ach, bij mij werkt dat brave wel zo nu en dan, zeker na het brute geweld dat er anders uit mijn speakers kan knallen ;-). Maar goed, we gaan die discussie over King niet opnieuw voeren. Dat album viel me gewoon op tijdens die uitzending.

  5. Mooi verslag inderdaad!

    Ik ben hierdoor uit nieuwsgierigheid driftig online gaan zoeken naar van alles en nog wat. Toch sluit ik me aan bij bovenstaande. Die ijsmuziek is echt heel bijzonder. Verder wil ik het haar van Esperanza en de vlugge vingers van Randolph en zijn bassist, tjonge wat een virtuozen.

Reacties zijn gesloten.